Gepost door: pharailde | augustus 1, 2019

Wenen (1)

Alleluja, wat een dag.
Half twaalf ’s avonds en we zijn in het hotel geraakt. Vanmorgen om 8.20 u. thuis vertrokken. Naar Wenen.
We hadden het idee opgevat om met de trein te gaan: we wilden dat eens uitproberen, en dat het ecologisch is, is mooi meegenomen. Want met het vliegtuig, dat is eigenlijk nogal een gedoe.

Om met de trein te reizen, moet je voor jezelf wel uitmaken of je lang stil kan blijven zitten, want bv. naar Wenen zit je wel behoorlijk lang op de trein: van Gent naar Brussel Noord (ruim 40 minuten), van Brussel Noord naar Frankfurt (3 uur) en van Frankfurt naar Wenen (6,5 uur). Ik kan daar zeer goed tegen (het reizen zelf heb ik altijd leuk gevonden), de wederhelft had het wat lastiger. En het is uiteraard geen geschikte formule als je maar een (lang) weekendje weg bent.
De rit naar Frankfurt bleek wel minder ontspannen dan verwacht: de trein doet een aantal stations aan waardoor er continu beweging is van af- en opstappende mensen, soms met veel bagage. De trein zat behoorlijk vol en er is eigenlijk veel te weinig plaats om al die bagage/valiezen te plaatsen. Daarnaast heb je een mengeling van mensen die een plaats gereserveerd hebben en zij die dat niet gedaan hebben, waardoor je soms mensen moet ‘wegjagen’ als je op gereserveerde stoel wil plaatsnemen. Het staat bovendien slecht of niet aangeduid dat een plaats gereserveerd is.

De treinreis zelf verliep voor de rest eigenlijk vlot, zonder vertragingen. Alleen was er een probleem toen we Frankfurt naderden: er bleek ergens een defecte trein in de weg te staan, waardoor onze trein niet stopte in Frankfurt Hauptbahnhof maar in Frankfurt Airport. Daar ging dan een trein klaar staan om ons naar Hauptbahnhof te brengen, al moesten we ons nogal reppen, want veel tijd was er niet. Gelukkig hadden we wat speling (normaal gezien hadden we 50 minuten overstaptijd). Er was alleen wat stress omdat dochter E. ons in Frankfurt gedag kwam zeggen. Zij verblijft momenteel bij een vriend aldaar en komt pas zaterdag naar huis, dus was het leuk om elkaar daar een knuffel te kunnen geven. Dat is dus net gelukt.

De rit naar Wenen verliep rustiger. Zo was er minder volk, ook al stopte de trein op veel meer plaatsen. We waren wel blij toen we – stipt op tijd – arriveerden, want de reis had nu wel lang genoeg geduurd. Gelukkig kan je op een trein al gemakkelijker eens rondlopen, of gewoon rechtstaan om eens de benen te strekken. We hadden ook meer (been)ruimte dan in een vliegtuig. En je kan gemakkelijker naar buiten kijken.
Er restte ons enkel nog een metrorit naar het hotel (met één overstap). We moesten wel nog uitzoeken welke van de bestaande formules het voordeligst was, maar vonden nergens een gedegen uitleg, integendeel, we werden eerder van het kastje naar de muur gestuurd (en zelfs niet altijd hartelijk). Uiteindelijk hebben we gewoon een enkel ticket gekocht, we zoeken dat dan later wel uit. We vonden vlot de weg naar de metrosporen, de metrotrein was er nagenoeg onmiddellijk, maar helaas, bij de overstap ging het mis. We vonden de juiste metrolijn niet, en bij navraag bleek dat een deel van de groene lijn (uiteraard het deel dat we nodig hadden richting hotel) onderbroken is door werken. We kregen wel een uitleg hoe we er konden geraken, maar jammer genoeg begrepen we zijn uitleg in het Engels niet zo goed. We bestudeerden de metrokaart eens goed, en zagen dat we via een omweg toch ter plekke konden geraken. Maar die omweg werd een heel stuk groter toen ergens onderweg bleek dat een – voor ons belangrijk – metrostation niet bediend werd. Uiteindelijk hebben we zo’n uur en drie kwartier in de bloedhete metro doorgebracht (dus al veel door Wenen gereden maar nog niets gezien). Maar inmiddels zijn we dan toch in het hotel beland.

Advertenties
Gepost door: pharailde | juli 30, 2019

Stockholm/Zweden (11)

Donderdag 9 augustus. De laatste Zwedendag.
Geen idee wat er die laatste avond en nacht aan de hand was, maar we hadden te kampen met een heuse invasie van vliegen op de kamer: er was gelukkig een vliegenmepper aanwezig, waarmee we er zeker minstens veertig hebben doodgeslagen, maar ze bleven maar komen (en vooral rond ons hoofd zoemen).
Hoe dan ook was het tijd voor inpakken, opruimen, uitchecken en terugrijden naar Stockholm.
Aangezien onze vlucht pas ’s avonds was, konden we nog enkele uurtjes in Stockholm spenderen. Op verzoek van wederhelft E. viel de keuze op Skogskyrkogården, een gigantisch kerkhof in het zuiden van de stad. Ook dat bleek meer dan de moeite waard.
Een beetje een gênant moment: toen we daar na de middag toekwamen, zochten we een plekje om eerst een hapje te eten. En liefst in de schaduw, want het was behoorlijk warm. Een heuvel met bovenaan enkele bomen leek ons dan ook een geschikte plek. Bleek dit achteraf een meditatieplek te zijn. Gelukkig zijn wij geen uitgebreide picknickers en hebben we daar, op een gezin toeristen na, geen andere mensen gezien. Oef.
De rest van de namiddag brachten we door op het kerkhof, een oase van rust, met heel veel bomen waartussen de doden begraven werden. Om dan tijdens de wandeling zowaar op het graf van Greta Garbo te stuiten.

Ook al was het er zalig, tegen de late namiddag werd het toch tijd om door te gaan, want we hadden nog een heel programma af te werken: huurauto inleveren, uitzoeken waar we de bus naar de luchthaven konden nemen en tickets kopen, busrit naar Bromma, wachten op de luchthaven (aan een overvolle gate met heel weinig zitplaatsen), vlucht naar Brussel, treinrit naar Gent, waar we gelukkig door zoon S.W. werden opgehaald. Einde van een heerlijke reis naar een land dat ons hart helemaal heeft gestolen. Ik zou het zelfs niet erg vinden om bv. in Stockholm te gaan wonen (indien de winters wat minder donker zouden zijn, dat wel).

Gepost door: pharailde | juli 30, 2019

Stockholm/Zweden (10)

Zo vlak voor de volgende reis (volgende donderdag, richting Wenen) kwam ik tot de vaststelling dat ik niet eens het reisverslag van onze Zwedenreis afgewerkt heb. Dringend tijd om dat te voltooien dus.

Tijdens de reisvoorbereidingen stootte ik op dit artikel en mijn interesse was meteen gewekt. Kastelen en landhuizen kunnen ons altijd boeien en mijn verbazing/vreugde was groot toen bleek dat Nynäs Manor op een comfortabele reisafstand van ons verblijf in Vrena was te bereiken. Dit moesten we zien. Op dinsdag 7 augustus trokken we onder een stralende zon op daguitstap en we werden niet teleurgesteld, integendeel.

Het landgoed werd eind 17de eeuw gebouwd en is zeer goed bewaard gebleven. Bovendien is het nog volledig bemeubeld met de originele meubels en interieurs van de voorbije drie eeuwen. Het is wel enkel met een gids te bezoeken, en gelukkig konden we zelfs mee met een Engelstalige gids.
Hier kan je meegenieten via een ‘fototour’:

Na het bezoek en het middagmaal in de Oranjerie maakten we een wandeling in de nabije omgeving. Het landgoed ligt te midden van een groot natuurreservaat. Maar de zee, die slechts luttele kilometers verder ligt, lokte en we reden nog door naar Nynäs Brygga Tystberga, een plek met een klein strandje en wat aanlegsteigers. Meer was er niet. Via die aanlegsteigers bereikten we een mini-eilandje waar we ons even nestelden en genoten van het water, de zon, de rust en spelende kinderen. Het leek er eigenlijk zeer goed op het Zweden uit films en tv-series (maar gelukkig zonder lijken).

Naïefgeweg had ik op voorhand gedacht dat we aan de kust wel iets gingen vinden om te eten, maar we waren duidelijk niet in België. Dus reden we terug naar Vrena en stopten in Nyköping om andermaal daar te eten. We kenden het daar inmiddels wel al een beetje. Tussen parking en restaurant legden we nog enkele ‘Zweedse’ huizen op de gevoelige plaat vast:

Gepost door: pharailde | mei 5, 2019

Mysterie

Ik ben dol op bloemen, ook in huis.
Helaas is wederhelft E. op dat vlak niet de man op wie ik kan rekenen, hij denkt daar gewoon niet aan.
Gelukkig brengen mensen die op bezoek komen al graag een boeket mee, waarvan ik dan mateloos geniet.
Maar doorgaans ben ik op mezelf aangewezen: als ik bloemen wil, moet ik ze zelf kopen. Supermarktbloemen koop ik evenwel niet meer: ze zijn dan wel goedkoop, maar doorgaans is de kwaliteit ook ondermaats.

Vorige dinsdag moest ik om een boodschap in stad, passeerde toevallig aan mijn favoriete bloemenwinkel en kon de verleiding niet weerstaan – een beetje lente in huis, dat zag ik wel zitten. Ze waren de verse bloemen nog volop aan het lossen, en ik kocht rode pioenrozen en witte lelies, allemaal nog volledig in knop.
Uit ervaring weet ik dat pioenrozen soms een risico zijn – de knoppen kwamen niet altijd open – maar ik vind ze zo mooi.
Woensdagochtend bleek er slechts één van de vijf bloemen open gekomen was, de rest bleef hardnekkig in de knop. Ik heb dan alle knoppen zachtjes onder de kraan gehouden – was een tip van de bloemist: op de knoppen zit er soms een kleverige stof, die het openen belemmert, en je kan die oplossen in water – maar er gebeurde niet veel. Die ene pioen daarentegen leek wel ‘ontploft’. Maar het viel vooral op dat ze van kleur veranderde: van diep rozerood werd ze de volgende dagen almaar bleker, heel bizar.

Mijn stress over de andere pioenen bleek gelukkig voorbarig, want tegen vrijdagavond kwamen ze stilaan open. Ik kon dus het hele weekend genieten van vijf volledig opengebloeide pioenen, die allemaal geleidelijk van kleur veranderen. Momenteel heb ik vier rozerode bloemen en één nagenoeg volledig witte. Vermoedelijk heb over een paar dagen volledig witte pioenen in plaats van rode. Heel mysterieus vind ik dat.

(Foto’s: zoon S.W.)

Gepost door: pharailde | april 12, 2019

Huugske, Vake, Grootva, Grootvader

26.10.1935 – 30.3.2019

Sinds een kleine twee weken is mijn vader verworden tot twee data. Geboorte- en overlijdensdatum.

Hij was al vele jaren ziek, leed aan verschillende soorten kankers, onderging verschillende operaties en behandelingen, en kwam er telkens weer bovenop. Maar toch eiste een en ander zijn tol, en geleidelijk aan ging het bergaf. Door een onverklaarbare pijn in zijn keel kon hij moeilijk slikken, waardoor hij steeds minder at en dronk, bijgevolg steeds zwakker werd en een sterk verminderde weerstand had. Uiteindelijk kwam hij ook in een vicieuze cirkel terecht: ze konden het ene niet uitvoeren omwille van een ander probleem, dat niet aangepakt kon worden omwille van nog iets anders, enz.

Half december kwam hij met een infectie op intensieve terecht. Daar kwam hij weer bovenop en verhuisde naar een gewone kamer. Tegen het eerste weekend van januari ging het plots heel erg bergaf en volgens de dokters ging hij het einde van het weekend zelfs niet halen. Groot was mijn verbazing dan ook om hem op maandagavond rechtop zittend in zijn bed aan te treffen, kijkend naar Flikken, met de gelezen krant naast zich, en een lege soepkom. Beetje bij beetje sterkte hij weer aan, in zoverre dat hij tegen eind januari weer naar huis kon, met een ziekenhuisbed in de living, en met de hulp van thuisverpleging. En mijn moeder nam hem af en toe weer mee in zijn rolstoel.

De opflakkering was, zoals te verwachten viel, slechts van korte duur, en geleidelijk aan verzwakte hij weer. Op donderdag 28 maart was een ziekenhuisopname weer noodzakelijk en bleek hij een longontsteking te hebben. Toen was ik er niet gerust in. Op vrijdagochtend moest ikzelf onverwacht op consultatie bij een specialist in het ziekenhuis, en ik profiteerde ervan om toch eens op zijn afdeling naar hem te informeren. Alle omstandigheden in acht genomen was hij redelijk ok, en stabiel, en de verpleegster zei onmiddellijk dat ik er gerust eens bij mocht (er was immers nog lang geen bezoekuur). Wat ben ik nu blij dat ik langsgegaan ben, en ik hem nog gezien heb, al was het niet lang, daarvoor was hij ook te zwak.

Zaterdag, rond de middag, kreeg ik telefoon van mijn moeder dat zij opgebeld was door het ziekenhuis en dat het heel snel bergaf gegaan was, en dat we ons moesten haasten. We zijn dan onmiddellijk in de auto gesprongen voor een rit van amper een drietal kilometer, die echter eindeloos leek te duren (alle rode lichten, auto’s voor ons die de ring niet durfden over te steken, enz.), en we toch een paar minuten te laat kwamen. De man met de zeis had de race gewonnen.

Ons weekend en de volgende dagen zagen er plots helemaal anders uit (misschien vertel ik daar later nog wel meer over).

(Links een tekening die ooit op Place du Tertre (Parijs) van hem werd gemaakt – rechts een tekening van dochter E. voor op de kist)

Vorige maandag was de uitvaart in Westlede, een heel mooie dienst, zo vonden we zelf maar hoorden we ook van uiteenlopende kanten.
Hieronder de tekst die dochter M. en ik hebben voorgelezen, met een schets van zijn leven en wie hij is geweest.

[Ik]

Ik heb het mezelf weer eens onmogelijk gemaakt: een levensverhaal van meer dan 83 jaar samenvatten in enkele minuten. Wie al eens schrijfsels van mij ontvangt of gelezen heeft, weet dat korte teksten en ik niet goed samengaan. Maar we zullen ons best doen.

Lees Verder…

Gepost door: pharailde | maart 16, 2019

Hoe je blij kan zijn dat iets vervelends gebeurd is

Denk je de volgende situatie in:

Een gewone werkdag, rond half negen, negen uur. De avondroutine is afgehandeld, er is gekookt, gegeten en opgeruimd, en alles is rustig in huis. De kinderen zitten op hun kamer, de katten slapen, de wederhelft speelt piano, en ik nestel mij met Facebook in de zetel. Het lastigste dat nog moet gebeuren, is nadenken naar wat we nog gaan kijken.

Ik zit nauwelijks neer of ik zie vanuit mijn ooghoek Tornado van zijn kussen springen. Ik denk dat hij op weg is naar de keuken om nog wat eten te schooien, maar zie hem toch niet. Helaas hoor ik hem wel: meneer is aan het overgeven. Heel diepe zucht, tot zover de rust dus.
Eerste werk: de plaats delict opsporen. En neen, niet gewoon ergens in het midden van de vloer, maar in een hoek, tussen de luidspreker en de kast waarop een grote plant staat.

Dus moest de plant wat worden verschoven. Maar blijkbaar was ik twee dagen ervoor wat te gul geweest met water, want de plantenschaal was overgelopen en alles er rond was kleddernat. Dan maar de wederhelft van zijn piano-oefeningen gehaald om te helpen alles vrij te maken – ik kon die plant onmogelijk alleen op de grond zetten – zodat het hout kon drogen en de schade beperkt bleef (er waren hier en daar toch al blijvende plekken).

Uiteindelijk moest ik Tornado dus dankbaar zijn.

Gepost door: pharailde | maart 12, 2019

Oud en een beetje versleten

Onzen Tornado wordt binnenkort zestien.
In het voorjaar van 2003 hebben de kinderen hem gevonden in de kelders van ons huidige huis (toen nog een complete bouwwerf), samen met zijn broer. Een paar weken ervoor hadden we daar trouwens al een piepklein kattenjong gevonden (daarover kan je hier lezen). Na het nodige gezaag en overleg hielden we ook Tornado, en vond zijn broer bij mijn ouders een nieuwe thuis.


Tornado links, Kiara rechts

Hij werd een lieveling van alle kinderen (en inmiddels ook van de schoonkinderen). Zijn naam kreeg hij van zoon S.W. omdat er behoorlijk wat leven in zat.
Actief is hij inmiddels niet meer. Van zijn slaapplek naar zijn eetbak naar een andere slaapplek naar zijn eetbak naar nog een andere slaapplek naar zijn eetbak, enz. en tussendoor al jankend naar boven om te kijken of daar niemand te vinden is die hem wat aandacht kan geven.
Omdat hij almaar meer om eten kwam vragen (we mochten/mogen ons niet in de keuken of eetkamer vertonen of hij komt om eten vragen, zelfs al was het slechts een half uur geleden), en tegelijk almaar magerder werd, ging ik vorige zomer toch te rade bij de dierenarts. Bleek hij een probleem met zijn schildklier te hebben, een frequent voorkomend euvel bij oude katten, en op te lossen met medicijnen.
Sindsdien zaten we toch af en toe bij de dierenarts, want er scheelde toch regelmatig wat. Zo had hij eind vorig jaar een ontsteking op de enige tand die hij nog had, waardoor hij moeite had om te eten (en dus weer vermagerde). Sindsdien gaat hij volledig tandenloos door het leven. Hij had ook een probleem aan zijn linkeroog (het derde ooglid bleef constant zichtbaar, en zijn pupil keek niet recht vooruit), maar dat is vanzelf weer goed gekomen. Inmiddels krijgt meneer ook medicijnen op dementie tegen te houden. De dag begint en eindigt dus met medicijnen geven aan de katten (ook Nabucco moet medicijnen nemen).

Aangezien de laatste tijd zijn eetlust weer sterk was toegenomen, en hij weer vermagerde (momenteel 2,7 kg wat weinig is voor een volwassen kater), ging ik nog eens op controle. Zijn schildklier was – tegen mijn verwachtingen in – ok maar hij bleek wat uitgedroogd te zijn, wat al te zien was aan de waarden van zijn nieren. Nu moeten we hem dus zelf om drie, vier dagen aan een infuus leggen om hem vocht toe te dienen, opdat zijn nieren niet zouden blokkeren.


(foto: zoon S.W.)

Na het grootbrengen van vier kinderen en het verzorgen van een rist katten, kan ik nog aan een carrièreswitch als ervaringsdeskundige verpleegkundige beginnen. ’t Is te zeggen, als dat avontuur met dat infuus goed afloopt.

Gepost door: pharailde | maart 9, 2019

Douche soap

En neen, het gaat hier niet douchezeep.
Wel over Murphy die zich te pletter amuseert.

Even terug in de tijd: in de zomer van 2014 kwam de “plakker” langs om alle ruimten die nog niet gepleisterd waren, van een laag pleister te voorzien. In de praktijk dus drie verdiepingen, en de traphal ertussen. Daarna werd de ene na de andere ruimte verder leefbaar gemaakt (vnl. door plankenvloeren te plaatsen, terwijl de kamers leeg stonden). Als laatste kwamen onze slaapkamer en badkamer aan de beurt, en deze zelfs tot en met de (professionele) schilderwerken toe.

Al die tijd sliepen we op de logeerkamer, en in april 2018 namen we onze mooi afgewerkte bad- en slaapkamer eindelijk in gebruik. Ik had gevreesd dat we algauw opnieuw dingen zouden moeten aanpassen, want ik vermoedde dat Murphy ervoor ging zorgen dat de droogkast (toen ca. 27 jaar oud) het ging begeven. Maar ik had me vergist, het was de wasmachine (bijna 18 jaar) die we eind augustus moesten vervangen. Ergens in de herfst waren dan de doucheslang en de sproeier (ruim 14 jaar) aan de beurt. Het is immers niet handig en zeker niet ecologisch als er meer water achteraan de douchekop wegstroomt dan uit de sproeier. Maar de daaropvolgende weken vond ik elke ochtend de douchekop ergens onderaan de douchestang in plaats van bovenaan, tot het een paar weken geleden helemaal naar de vaantjes was. Er was een minuscuul plastic onderdeeltje van de douchehouder afgebroken, en ik kon enkel nog douchen met de sproeier in de hand. Niet echt praktisch dus.

Wederhelft E. dus naar de winkel om te proberen een nieuwe houder te kopen.
“Ah neen, meneer dat zal niet gaan. U hebt een ovalen douchestang en nu zijn dat allemaal ronde. Dus een nieuwe houder alleen zal daar niet op passen. Je moet ook een nieuwe stang kopen.”
“Ok dan. Maar je zegt dat die stangen die je beschikbaar hebt, 67 cm lang zijn. De huidige stang is wel 90 cm en ik zou liever geen nieuwe gaten boren. De tegels zijn nog geen jaar oud, en ik heb geen zin om ze nu al te ontsieren met oude boorgaten.”
“Dan kan ik u de stangen aanbevelen die speciaal bedoeld zijn voor renovaties, die kunnen in de lengte aangepast worden. Maar die moeten we wel bestellen, en dat zal zo’n twee weken duren.”

Een week geleden kon wederhelft E. dan de nieuwe douchestang met houder afhalen. Na heel wat gepuzzel hoe alles nu precies in elkaar zat, was alles goed bevestigd (waarbij toch nog twee oude boorgaten zichtbaar bleven, omdat je voor de oude stang onderaan en bovenaan twee schroeven naast elkaar moest plaatsen, en nu slechts één). Toen we dan de douchekop in de houder wilden steken, bleek die houder toch wel te smal te zijn!

Terug naar de winkel dus, mét de douchekop en -slang mee: “Goedemiddag, ik kwam daarstraks een nieuwe douchestang halen, maar deze sproeier past er niet in.”
“Dat kan niet meneer, dat zijn universele maten, kijk maar.” Ze probeerden die sproeier in een gelijkaardige houder te steken, en die paste inderdaad.”
“Aha”, wist wederhelft E., “ik heb de diameter thuis gemeten en ik kwam aan 17 mm. Hoeveel diameter hebben jullie hier?”
Bleek het 23 mm te zijn.
Grote consternatie, want zij vielen compleet uit de lucht en wisten dus helemaal niet dat daarvan twee maten bestonden. Catalogi werden doorploegd, maar veel wijzer werden ze niet. Ze gingen de maandag erop dus de fabrikant contacteren om meer uitleg te vragen, en ons dan iets laten weten.

Wordt dus vervolgd. Hopen we, want reactie kregen we nog niet (en ondertussen blijft het toch wat behelpen in die douche).

(En dan wordt de consument als grootste verantwoordelijke beschouwd voor onze afvalmaatschappij. Zucht)

Gepost door: pharailde | maart 4, 2019

Mons

’t Was weer die tijd van het jaar. Veertien dagen geleden was wederhelft E. jarig en hij wilde als verjaardagsuitstap naar de tentoonstelling van Giorgio de Chirico in Mons. Klein probleem, jarig zijn op een maandag is niet zo handig want dan zijn de meeste musea gesloten, dat snel was opgelost: we maakten er weer een tweedaagse uitstap van. Dus begaven we ons die maandag onder een stralende lentezon met de trein, via een overstap in Brussel-Zuid, naar Mons (een verbinding Gent-Mons bestaat helaas niet – dit zou nogal wat tijd schelen, denk ik, want nu was het een half uur naar Brussel, een half uur wachten, drie kwartier naar Mons).

Hoewel het een kleine stad is (nog geen 100.000 inwoners), blijkt Mons toch het werk van een aantal bekende architecten te herbergen. Zo begonnen we ons bezoek bij het Congrescentrum MCIX van Daniel Libeskind dat vlak aan het station gelegen is. Een heel indrukwekkend gebouw, waarbij ik me wel afvroeg waarom er bij nieuwe (openbare) gebouwen precies altijd een opbod moet zijn van zoveel mogelijk lijnen, vormen en materialen.


Het MICX is het gebouw links (lukte niet om het gehele gebouw te fotograferen)

Ook het station zelf moet een architecturale parel worden, ontworpen door de wereldberoemde Spaanse architect Santiago Calatrava (ontwerper van o.m. het station Luik-Guillemins), d.w.z. als het ooit eens afgewerkt geraakt. Eind 2015, bij mijn eerste bezoek aan Mons, was het één grote bouwwerf, nu was het één bouwwerf, en ik vrees dat het nog lang een bouwwerf zal blijven. Ook dit project ziet er nochtans indrukwekkend uit.

Inmiddels konden we inchecken in Hotel Terminus. Jawel, aan het station gelegen. Het deed me sterk denken aan Franse hotels, in een oud pand, zonder lift (gelukkig was de kamer op de eerste verdieping). De kamer was aangenaam, maar de badkamer vertoonde wel wat mankementen (alleen een handdouche in het bad, maar zonder gordijn, de verlichting aan de spiegel deed het niet, zodat make-up aanbrengen niet echt evident was), maar dat was allemaal niet onoverkomelijk.


(met onze kamer op de eerste verdieping, de twee ramen rechts)

Ondertussen begon de honger te knagen en trokken we naar het dichtst bijzijnde plekje groen, waar we in de heerlijke lentezon ons broodje aten met zicht op de Sint-Waltrudiskerk (“La collégiale Sainte-Waudru”) en het Belfort, met achter ons de Artothèque. Daarna was het hoog tijd om in de Bergense straten te verdwalen en de sfeer van het stadje op te snuiven. We liepen langs de kerk richting Belfort (dat gesloten was, evenals het erachter liggende park van het Gravenkasteel – alweer het nadeel van een stadsbezoek op maandag), via omzwervingen naar de Grote Markt en het stadhuis – mét bronzen aapje (als je over zijn kopje wrijft, brengt dat geluk), de Rue de Nimy met de mikado van Arne Quinze (waren we niet zo enthousiast over), het Mundaneum (helaas ook gesloten), concertzaal Arsonic (met mooie architectuur), de hoek om langs een ander geslaagd architectuurproject voor een complex van sociale woningen, het Theatre Le Manège (ook moderne architectuur maar ons ding niet), en zo terug naar de Grote Markt, waar het stilaan tijd werd voor een aperitief, maar jammer genoeg te laat voor een terrasje in de zon. Dus werd het de Copenhagen Tavern.

In Mons houden ze blijkbaar hun erfgoed stevig in het gareel

 

Via het winkelcentrum gingen we terug naar het hotel om wat uit te rusten op de kamer. We bleken meer moe te zijn dan we dachten en hadden niet echt zin meer om nog veel rond te lopen – we waren ook die verdomde kasseien een beetje beu (ik blijf me afvragen waarom in historische stadscentra zo hardnekkig vastgehouden wordt aan die oncomfortabele kasseien, grrr). Uiteindelijk hebben we gegeten in het Italiaanse restaurant op het gelijkvloers dat verbonden was aan het hotel, want we hadden niet veel fut meer om ver te lopen, én we hadden al gemerkt dat veel restaurants gesloten waren (en de patron had ons ’s ochtends ook beloofd dat hij ging trakteren op een aperitief voor de wederhelft zijn verjaardag als we bij hem kwamen eten – ik had het niet verwacht 🙂 maar hij heeft woord gehouden, ook al werd het een digestief).

’s Anderendaags trokken we dus eerst en vooral richting BAM (Beaux-Arts Mons) voor de prachtige tentoonstelling Giorgio de Chirico. Aux origines du surréalisme belge : Magritte, Delvaux, Graverol. Niet heel groot (gelukkig maar), maar mooi opgesteld, en we hebben alweer een pak bijgeleerd. Al een geluk dat we niets mochten meenemen, want we konden echt niet kiezen 🙂
Ook jammer: we wilden postkaartjes kopen met werk van de Chirico, maar die bleken nog niet geleverd (vertraging omwille van nog een kwestie rond auteursrechten). Zo geraakten we aan de praat met een dame aan de balie die zeer goed Nederlands sprak, en bleek ze zich het bezoek van de Gentse archivarissen (eind 2015) nog goed te herinneren – ze had ons toen de uitleg over de historiek van de Artothèque gegeven. Ze bezorgde ons ook nog wat tips voor interessante plaatsen in Mons.
Zo trokken we, na het versterken van de inwendige mens, nog naar het provinciegebouw van Henegouwen (1939-1953) in de Rue Verte, met een prachtige inkomhal (iets meer informatie vind je in deze brochure op de voorlaatste pagina).

We eindigden ons bezoek aan Mons in het park achter het Belfort, dat aangelegd is op de restanten van het oude Gravenkasteel en waar je een mooi uitzicht hebt op de stad en de wijde omgeving.

Inmiddels was het hoog tijd geworden om ons terug naar het station en dus de realiteit te begeven.

Gepost door: pharailde | januari 31, 2019

Stockholm/Zweden (9)

De volgende dagen deden we, zoals gepland en gewenst, nagenoeg niets. We hadden allebei behoefte aan rust en brachten de dagen vooral buiten al lezend en babbelend door. We kwamen hooguit in beweging om wat boodschappen te doen, uit eten te gaan, of voor een wandeling in het bos of langs het meer.

We verbleven in het Lindeborgs Eco Retreat, een oude boerderij, waarvan een deel van de grote schuur volledig werd gerestaureerd met gebruik van natuurlijke materialen. Het hele domein is gericht op duurzaamheid en is zo veel mogelijk zelfvoorzienend, onder meer met een eigen waterzuivering. Voor vakantiegangers werden in de schuur twee studio’s (telkens voor vier personen) en een tweepersoonskamer (die wij geboekt hadden) ingericht, naast een sauna en een yogazaaltje. Nadeel was wel dat onze kamer – in tegenstelling tot de studio’s – geen kookfaciliteit had, waardoor we telkens uit eten moesten gaan. Dan zit je in the middle of nowhere ecologisch te wezen, moet je telkens kilometers rijden om uit eten te gaan.

 

Maar soit, het was wel een aangename kamer, en we hebben genoten van de buitenlucht en van de stilte. Hoewel, bij momenten … Zo was ik verbaasd hoeveel lawaai ruisende bomen maken als het een beetje waait. Een autosnelweg is er niets bij. En grind, gebruikt als halfverharding rond het verblijf: als je ’s ochtends uit je slaap gewekt wordt omdat de kinderen van de buren al in dat grind aan het spelen zijn, dan duik je toch kreunend onder je dekbed. Gelukkig dat kinderen dingen snel weer beu zijn 🙂

Nog enkele foto’s:

Uitzicht bij het buiten zitten aan onze kamer (waar we meestal ook zaten om te eten)

Boswandeling (het bos maakte deel uit van het terrein waar we verbleven)

Meerwandeling
Het retreat kijkt uit op een stukje van het meer Hallbosjön, niet echt een kleine plas, met een oppervlakte van ca. 11,2 km² en een ‘kustlijn’ van 36,4 km. Jammer genoeg kan je vanuit het retreat niet tot aan de oever, maar rij je best een vijftal minuutjes verder. Op die plek is er ook zwemaccommodatie aangelegd, maar we hadden op dat moment geen zin in zwemmen, wel in wandelen.

Het kerkje Nykyrka Kyrka (gelegen tussen de grote weg en het retreat)

Older Posts »

Categorieën