Gepost door: pharailde | april 19, 2014

London, baby!

Rewind naar een klein half jaar geleden: we genoten in het NTGent van de voorstelling Rood over de Seagram Murals van schilder Mark Rothko. Die murals waren bestemd voor een restaurant in de Seagram Building in New York, maar Rothko zag dat uiteindelijk toch niet zitten, verbrak het contract en schonk de murals aan de Tate Gallery, waar ze nu te bezichtigen zijn in de Tate Modern. Voldoende reden voor de wederhelft om voor te stellen om dat Kanaal eens over te steken en die murals met eigen ogen te gaan bekijken.
Wij dus van planning gedaan, treintickets besteld, verblijf geboekt, ponden besteld (die euro’s overal, zo gemakkelijk dat dat is) en vorige week dinsdag was het zover. Wij weg, met dochter E. en zoon S.W. Enfin, dat was het plan. Door een massaal bondgenootschap tussen virussen en bacteriën, was zoon S.W. genoodzaakt om het bed te houden en moest hij London aan zich voorbij laten gaan. Tot zijn, en onze, grote spijt. Kinderen en planning, dat blijft een riskante onderneming, of ze nu 2 zijn of 23. Gelukkig moet je niet meer halsoverkop opvang zoeken als ze 23 zijn.

Desondanks hebben we er wel van genoten (ook al was het niet altijd eenvoudig, want de zwarte hond bleek zich als verstekeling verstopt te hebben) en toch behoorlijk wat gezien. We hadden een lijstje met wensen opgesteld, en dat hebben we eigenlijk zelfs volledig afgevinkt. Tot onze verbazing, want van dinsdagnamiddag tot vrijdag late namiddag, is uiteindelijk niet zo lang. We hebben geshopt en vonden een aantal nieuwe kleren voor dochter E. (wat wederhelft E. in een of andere grote winkel een opmerking bezorgde dat hij zich niet in de gang van de kleedkamers mocht bevinden, die was alleen voor dames). We bezochten het John Soane’s Museum. Soane is de architect van o.a. de Bank of England en bouwde voor zichzelf een huis aan Lincoln’s Inn Field dat hij volstouwde met zijn kunstverzameling. En als ik zeg volstouwen, dan bedoel ik ook volstouwen, geen plekje bleef onbenut, van Griekse en Romeinse beelden en scherven tot (zijn) eigentijdse schilderijen. We waren daar trouwens een klein halfuurtje voor sluitingstijd (we wilden toch alleen een kijkje nemen en hadden niet de behoefte om elk kunstvoorwerp aan een studie te onderwerpen), maar we mochten al niet meer binnen. Ik heb dan maar mijn teleurstelling laten blijken en gezegd dat we ons zo gehaast hadden, en toen mochten we alsnog binnen.

We brachten op donderdag een bezoek aan de collectie William Turner in de Tate Britain, waar we een schilderij zagen dat Turner gemaakt had voor zijn goede vriend John Soane (jawel, die man van hierboven, de wereld is soms klein). Maar Soane wou het toch wel niet hebben zeker: het was te groot voor hem, hij vond er geen plaats meer voor in zijn huis. In de namiddag was het dan tijd voor het British Museum waar dochter E. (en wij ook uiteraard) de Library wou zien. Bleek die toch wel voor zeven jaar gesloten te zijn. Zucht. We hebben dan maar een bezoekje gebracht aan de Egyptenaren en hun mummies. Misschien niet zo’n goed idee wegens de busladingen Japanners (onder anderen) en de immer fotograferende medemens (ik was eigenlijk blij dat we het fototoestel hadden thuisgelaten), maar de oude Egyptenaren, die blijven toch fascineren.
Op vrijdagochtend was het dan tijd voor onze date met Rothko. Er kan ontzettend veel gediscussieerd worden over wat moderne kunst is (en er zijn daarover ongetwijfeld veel bomen voor gesneuveld en sloten inkt gevloeid), maar ons fascineert het wel. Ook al zijn er de laatste decennia heel wat namen van kunstenaars bijgekomen die ons niets zeggen.

En wat een geluk voor ons: musea zoals British Museum en de Tates, de dingen die we wilden zien dus, zijn volledig gratis. Gelukkig zijn we helemaal niet geïnteresseerd in Madame Tussaud, want dat bleek £ 30 per persoon te kosten. Slik.

Na sluitingsuur van de musea, was het tijd om door London te zwerven. We verkenden Trafalgar Square en omstreken, na een eerste bezoek aan Oxford Street dinsdagnamiddag, op zoek naar een nieuwe tas – we waren nog niet goed en wel toegekomen en op zoek naar de trein richting hotel, toen het oor van mijn tas doorschoot. Na het blitzbezoek aan John Soane’s Museum verkenden we de “advocatenbuurt” tussen Lincoln’s Inn en The Temple, een opeenvolgende reeks van doorgangen en “courts” en nog een doorgang om weer in een andere “court” te belanden, met kantoren rond ‘gestofzuigde’ gazons. Boeiend om ook daar eens rond te lopen. In een of andere court werd mijn aandacht getrokken door een vreemde eend in de bijt, iemand die niet opgekleed was zoals de rest van de drukdoende gerechtelijke mensheid, iemand zonder telefoon in de hand en aktetas onder de arm, maar wel met een roofvogel op de arm. Een Amerikaanse haviksoort, wiens diensturen erop zaten. In het midden van het gazon zat nog een soortgenoot – die werd zo dadelijk opgehaald – en in de koffer van de ‘dienstauto’ zaten nog twee valken. Gefascineerd door roofvogels als ik ben, was dat een aangename verrassing. De vogels werden ingezet als afschrikmiddel tegen het nestelen van de meeuwen. Die blijken in London ook een probleem te zijn.
Donderdagochtend begonnen we met de Houses of Parliament en Westminster Abbey (alleen de buitenkant) en op donderdagavond was de buurt rond Covent Garden aan de beurt. Vrijdag vertoefden we op de zuidelijke oever van de Thames, met de Tate Modern, een blik op het Golden Globe Theatre van William Shakespeare (reconstructie), maar hadden jammer genoeg geen tijd meer voor een bezoekje (geeft meteen een reden om nog eens te gaan) en een verkenning door Southwark en een bezoekje aan de Southwark Cathedral. Tussendoor staken we ook de Millenium Bridge over om de St. Paul’s Cathedral van dichterbij te bekijken.

Aangezien we geen zin hadden om met het fototoestel rond te zeulen, hebben we het maar thuisgelaten. London is dichtbij genoeg om, als we iets nog eens willen zien, ernaartoe te gaan. En ik vond het wel een verademing om gewoon rond te lopen en te kijken, zonder toestel tussen oog en onderwerp. Het was zo erg dat ik me begon te ergeren aan alle mensen die op alle mogelijke (en onmogelijke) plaatsen foto’s wilden nemen, ook in de musea. Je liep altijd wel voor iemands lens. Anderzijds versta ik dat wel, als je zo helemaal uit Japan komt …

We aten er Brits (The Sherlock Holmes Pub) – niet meteen de lekkerste maaltijd, Indisch (Indian City), waar ze een zalige lam korma hadden, Italiaans (La Ballerina) en Frans (Café Rouge).
We hadden logement gevonden in Charlotte Guest House, in West-Hampstead, met een heel vlotte metroverbinding vlakbij, en gelegen in een oer-Engelse straat.

Londen 2 (april 2014)

Het was er niet echt slecht, maar ook niet echt goed (tja, low budget), alles was er nogal uitgeleefd. Ook het ontbijt was niet super (het English breakfast, en de eieren waren behoorlijk vet), maar ze waren wel heel vriendelijk. En ik ben in nog geen enkel hotel geweest, waar de handdoeken op deze manier geplooid waren.

London (april 2014)

(en ik wil al terug naar London, want er is nog zoooooooooooooooveeel dat we niet gezien hebben)

Gepost door: pharailde | januari 19, 2014

Slecht vel

Allez, mijn vel zelf is niet zo slecht, een beetje droog soms, zeker in deze winterse dagen (volgens de kalender toch), maar niets dat niet op te lossen is met de nodige crèmekes en smeerselkes.
Het is onder dat vel dat het gelijk wat minder goed gaat. Al een tijdje.
En ja, er waren de tandperikelen (nadat de tand ontzenuwd was, dacht ik dat het ging opgelost zijn, maar toen kwam er een abces, maar na een antibioticakuur en veel pijnstillers is dit leed ook weer geleden), en er is een tenniselleboog links (misschien toch eens naar de dokter gaan om een voorschrift voor de kinesist) en een schouder met artrose rechts (idem dito), en pijn in de rug als ik wat te lang rechtsta, en hoewel dat soms behoorlijk lastig en best vermoeiend is, daarmee valt allemaal te leven (zou ik dan toch echt een dagje ouder worden?).

Het is eerder een gevoel van algemene malaise. Ik heb last om me te concentreren en een gebrek aan energie om dingen aan te pakken. Het liefst zou ik in een hoekje duiken, onder een deken, en de boel de boel laten. Maar dat lukt ook niet echt. Anderzijds, als ik thuiskom van het werk lukt het nog om voor eten te zorgen en zo, maar daarna is het ploffen in de zetel, waardoor een en ander tegen het weekend meer op een puinhoop dan op een huishouden lijkt, en ik het weekend dus moet gebruiken om een en ander weer op de rails te zetten. En dan is het zondagavond voor ik het weet, en dus weer tijd om aan de nieuwe werkweek te denken (maar wel met het gevoel: “mag het weekend nu aub beginnen?”). Ik vraag me af hoe dat zou aanvoelen, zo’n weekend zonder huishoudklussen, en alleen maar leuke dingen doen. Maar dat zal nog niet voor subiet zijn, peins ik. Ik wil het geen poetsvrouw aandoen om hier te komen schoonmaken. Wat me tot een ander pijnpunt brengt: de staat van afwerking van dit huis, die maar zeer, zeer mondjesmaat vooruitgaat. En als er een ietsiepietsie aan gebeurt, is dat doorgaans …, jawel, in het weekend. Het geeft het gevoel dat dit allemaal diep vanbinnen leidt tot een groeiende krop van een mengeling van machteloosheid, ontgoocheling en boosheid, waarvoor ik niet direct een oplossing zei, behalve constant ruzie maken, maar dat is ook niet zo echt leefbaar. Tenslotte ben ik hier in huis niet de specialist ter zake. En ik moet toegeven dat ik af en toe zin heb om op zoek te gaan naar een nieuwe, mooi afgewerkte studio. Maar inderdaad, tussen droom en daad …

Heb ik enerzijds last om me te concentreren en veel te weinig energie, anderzijds lukt het me ook niet goed om me te ontspannen. Want lukt het niet zo goed om dingen aan te pakken, en blijf ik soms te veel/te lang in de zetel hangen, met de pc, de krant of zelfs af en toe een boek, het geeft maar een half ontspannen gevoel, omdat alles wat ik nog moet doen ondertussen in mijn hoofd blijft spoken. Ik lees dan wel de krant, of ik blijf hangen op facebook, maar ondertussen is er dat stemmetje dat zegt: “je zou daar beter mee stoppen, en naar boven gaan en de was opplooien, of de eetkamer stofzuigen, of … of …” En dan zijn er nog de zaken die ik zou moeten/willen doen voor diverse verenigingen waarbij ik betrokken ben, maar ook daarvoor ontbreekt de energie (en dikwijls dus de goesting), en dan wordt er uitgesteld, en dan voel ik mij weer schuldig daarover, wat dan waar verlammend werkt. Zelfs hier een nieuwe post schrijven, vergt een grote inspanning (o.m. moeite om te concentreren dus). Dus San en Ongeletterde Wanhoop, niet wanhopen, dat stokje ben ik niet vergeten, en dat komt er wel, ooit.

Ik ben er mij wel goed van bewust dat het op den duur een vicieuze cirkel wordt: hoe minder actief je bent, hoe minder zin je hebt om actief te zijn, en hoe meer alles als sleur ervaren wordt. Het is nu een kwestie om te proberen te kijken waar ik die cirkel kan doorbreken. Nu nog de energie ervoor vinden. Eén lichtpuntje toch alvast: de dagen worden heel stilaan weer wat langer, en meestal helpt dat toch wel.

Gepost door: pharailde | januari 5, 2014

‘t Is weer voorbij …

Ook aan deze kerstvakantie is alweer een eind gekomen. En zoals gebruikelijk, alweer veel te snel.

(U weze gewaarschuwd, het is een post met een redelijk hoge zaagmodus).

En ook dit jaar heb ik me weer laten vangen. Aan het idee dat je in die periode een vakantiegevoel krijgt. Want er was een redelijk lange todolijst (waarop het meeste afgevinkt kon worden, op het uitkuisen van koelkast en diepvriezer na), en een even lange lijst van wat ik graag had willen doen, maar die eerste lijst heeft de bovenhand gekregen.

En zo werd er vooral van huishouden gedaan (komt er natuurlijk van als je in de loop van het jaar de dingen te veel laat aanmodderen), en van boodschappen, en van opruimen, en dergelijke meer. Daarnaast waren er natuurlijk de feestdagen – dit jaar bovendien midden in de week – die de nodige voorbereidingen vroegen (met heel veel plezier, daar niet van).

Bovendien had ik enkele weken geleden besloten dat ik absoluut een nieuwe kleerkast wou. Onze vorige kast was nog van mijn grootmoeder zaliger, maar begon toch mankementen te vertonen. Het bijzonderste: de ene kasthelft had geen deuren meer doordat een van de scharnieren grotendeels was losgekomen, maar pianoscharnieren vervang je niet zomaar eventjes. Geen nood, de kast was nog bruikbaar, ook zonder deuren, want het was zinloos om te investeren in een nieuwe kast aangezien het voorzien was dat op de kamer ooit een dressing zou worden ingericht. Daarbij had ik enkele elementen over het hoofd gezien: om te beginnen die “ooit” die almaar verder weg lijkt, het feit dat een open kast behoorlijk wat stof aantrekt, en last but not least, onze schattige poezen die in de kast een “fijne” slaapplek vonden (de slaapkamer zelf heeft ook geen deur, “ooit”, weet je wel). En een plek om hun nagels te testen, waardoor ik toch enkele lange jurken naar het containerpark mocht verwijzen. Dus was de maat vol, en wou ik – al was het maar voorlopig – een nieuwe, en vooral gesloten, kleerkast. Wij dus naar de Zweden, want inmiddels was wederhelft E. al tot de slotsom gekomen om gewoon kasten te kopen ipv ze op maat te laten maken.
En zoals steeds bij dergelijke operaties: ze vergen veel meer tijd dan aanvankelijk gepland. Er moest plaats gemaakt worden op de kamer, er moest een andere kast verhuizen naar de badkamer (rapper gezegd dan gedaan), een andere kast moest geleegd en verplaatst worden (werd uiteindelijk geliquideerd), de bestaande kleerkast moest geleegd en verplaatst, voor kasten en inhoud moest/moet een andere bestemming gezocht worden, de nieuwe kasten moesten gemonteerd worden (het gevloek viel nog behoorlijk mee) en gevuld. Gezien de abominabele verlichting op onze kamer (“ooit”, weet je wel), kon er alleen bij daglicht worden gewerkt, en dit is niet zo rijkelijk voorhanden in deze periode; Een duidelijk meerdagenproject dus, waarbij tot onze grote ergernis tweemaal naar de winkel moest worden gereden omdat de eerste maal niet alle legboorden en laden voorradig waren. Maar bon, inmiddels staan de nieuwe kasten er, en zijn ze grotendeels gevuld. Hopelijk kan ik volgend weekend een en ander afwerken. En hoe dan ook, dit zijn wel karweitjes die een hoop voldoening geven als ze klaar zijn (veel meer dan de zoveelste keer de vaat doen, of de eetkamer dweilen).

Een absolute domper op de feestvreugde van de tweede week (waarvan ik hoopte dat ik na nieuwjaar wat meer tijd voor lezen en dergelijke kon vrijmaken) was een kies linksonderaan. Mijn eigen stomme, stomme schuld natuurlijk. Die was al een hele tijd supergevoelig voor warmte en koude, maar aangezien ik het afgelopen jaar al veel te dikwijls bij de tandarts had gezeten dan me lief was, zag ik ertegenop om een afspraak te maken. Oerdom van mij natuurlijk, want uitgerekend toen ik bij de Zweden rondliep, liet de snoodaard zich voelen. Ik kon een en ander toch wat onderdrukken met pijnstillers, en op maandag toch maar geprobeerd om de tandarts te bellen. Die kon me er gelukkig tussen nemen om te kijken wat het probleem was: een gaatje onder een heel grote vulling. Maar ze had geen tijd genoeg om me toen te behandelen, én het was haar laatste werkdag van de vakantie. Afspraak op 6 januari dus. Normaal gezien zou ik het redden met de zwaardere medicijnen die ze voorgeschreven had. Maar die snode boosdoener liet zich niet temmen, en stak ook een tandje bij, waardoor de laatste dagen minder aangenaam en ontspannen waren (met onderbroken nachten helaas ook). Nooit gedacht dat ik nog zou aftellen om naar de tandarts te kunnen gaan. En ja, ik kon wellicht bij iemand anders terecht, maar ik laat liever alles nakijken en opvolgen door dezelfde persoon.

Het lijkt wel alsof alles kommer en kwel was, deze vakantie, maar zo erg was het nu ook niet. Er waren de kerstdagen die gezellig in familie werden gevierd. Er was oudejaarsavond met enkele goede vrienden, een avond zonder wilde feestjes en confetti, maar zeer gezellig en gemoedelijk en blij om elkaar nog eens terug te zien (getuige het feit dat het uiteindelijk 5 u. was toen ik het licht uitdeed). Er was een superkalme en rustige nieuwjaarsdag met ‘s avonds bezoek aan de familie van wederhelft E. En de donderdag erna trokken we op uitstap naar Antwerpen, naar het Red Star Line Museum, dat meer dan de moeite waard is. Een boeiend – ook actueel – onderwerp dat aantrekkelijk werd voorgesteld. En eigenlijk een must voor al diegenen die zo tegen multiculturaliteit zijn: migratie en versmelting van culturen zijn duidelijk even oud als de mens zelf.

Ook al was het een vakantie zonder echt vakantiegevoel, die twee weken thuis hebben wel deugd gedaan. Ik zou er zelfs met gemak een derde kunnen aan vastknopen, ik zou me nog niet vervelen (maar dan liefst wel zonder tandpijn).

Gepost door: pharailde | januari 5, 2014

2014

Het nieuwe jaar is alweer 5 dagen ver, hoog tijd dus om alle lezers hier een heel gelukkig, mooi en fijn 2014 te wensen.
Voor mezelf zal ik al heel blij zijn als de dingen een beetje gaan zoals ik zou willen dat ze gaan (en dat Murphy zich dus goed koest houdt).

Gepost door: pharailde | december 20, 2013

Een zwarte hond

Een tijdje geleden kreeg ik het prentenboek I had a black dog van Matthew Johnstone in handen, een boekje waarin de auteur, uit eigen ervaring, heel helder beschrijft – en illustreert – wat het betekent om een depressie te hebben. Het is een probleem, zeg maar gerust ziekte, waar heel veel mensen mee kampen, en ook wij ontdekten begin dit jaar dat we een zwarte hond als huisdier hebben.

Hij nestelde zich comfortabel diep binnen in dochter E. en half maart bleek dat hij grote, zeg maar heel grote, proporties had aangenomen. Functioneren was er niet meer bij, de zwarte hond had een en ander overgenomen. Hij moet er al vele jaren gezeten hebben en hij liet af en toe eens zijn tanden zien, maar bij tijd en wijle trok hij zich weer terug in zijn hok en waren wij weer gerustgesteld. Achteraf bekeken, voel ik mij wel behoorlijk schuldig dat we niet eerder aan de alarmbel trokken, maar hoe zeggen ze dat, gedane zaken nemen geen keer. De feiten zijn wat ze zijn.

Half maart had de zwarte hond dus bezit genomen van het controlecentrum en moest er dringend actie worden ondernomen. Gelukkig is onze huisarts goed vertrouwd met deze materie en schreef hij rust en medicijnen voor, schoolgaan zat er voorlopig niet in. Daarnaast werden de sessies bij haar therapeute (waar ze al geruime tijd naartoe ging) serieus opgedreven. Er waren in die eerste maanden tekenen van beterschap, maar absoluut niet voldoende, aangezien ze zich bleef afsluiten voor de buitenwereld. Alleen op haar kamer, daar voelde ze zich – relatief – veilig, ook al achtervolgden de angstaanvallen haar tot daar. Ondertussen deed ze in mei ook pogingen om de draad op school weer op te nemen, maar dat liep niet van een leien dakje. Op de koop toe stonden de examens voor de deur, waardoor die laatste schoolweken ook nog eens chaotisch verliepen. En chaos is het laatste wat ze kan hebben. Inmiddels was de knoop wel al doorgehakt dat ze haar jaar opnieuw zou doen.

Wat dat allemaal met je doet, als ouders, dat is moeilijk te omschrijven, maar ik herinner mij vooral de grote machteloosheid. Je wil helpen, maar je kan niet. Er zijn, en luisteren, dat is allemaal geen probleem, en uiteraard heel hard nodig, maar de situatie ten goede omkeren, dat is een ander paar mouwen. Je staat erbij en je kijkt ernaar want je bent nu eenmaal een liefhebbende ouder en geen therapeut. En ik kan je verzekeren, alle levenslust uit je kind zien wegglijden, dat vreet je op vanbinnen. Samen met de onrust, die toch wel latent aanwezig is: “ze zal toch niet …” (en ja, op dat vlak ben ik hopeloos en heb ik een veel te ruime fantasie).

Inmiddels kwamen we na overleg tot de vaststelling dat er meer ingrijpende maatregelen nodig waren, omdat er op de ingeslagen weg niet veel verdere vooruitgang te verwachten viel. Dus werd er meer gespecialiseerde hulp gezocht én gevonden. Redelijk snel bovendien, tot mijn verbazing. Ergens in mei namen we contact op, eind mei konden we op gesprek en was er sprake dat er tegen eind augustus, begin september een plaats zou vrijkomen, maar half juli kregen we plots telefoon dat ze ‘s anderendaags al opgenomen kon worden. Ons hart stond even stil omdat het zo plots was en er allerlei (vakantie)plannen moesten worden aangepast aangezien ook de Gentse Feesten voor de deur stonden, anderzijds had dat het voordeel dat er niet veel tijd was om te piekeren. Maar ik kan je verzekeren dat het met een heel klein hartje en gigantische brok in de keel was dat we haar op die dinsdagmiddag achterlieten, in een compleet vreemde omgeving, bij allemaal mensen die ze niet kende, noch het begeleidend personeel, noch de groepsgenoten. En ik ben ervan overtuigd dat haar hartje nog veel kleiner en de brok in de keel nog veel groter was. Gelukkig mocht ze in het weekend naar huis komen, en ook op woensdagnamiddag was ze vrij, waardoor we haar niet te veel moesten missen. Op zondag was het wel een beetje vervelend: ze moest om 11 u. ‘s ochtends weer binnen zijn, en dan was ze weer vrij van 14 tot 20 u. Meestal kwam ze dan met de bus naar huis, en brachten we haar ‘s avonds weer terug, maar de zondag was wel telkens gebroken.
(En even terzijde: wat me wel opviel in de voorbije maanden, was het feit dat er uiteindelijk maar heel weinig mensen waren die af en toe eens vroegen hoe het met haar of ons ging. Gelukkig waren er ook anderen)

Nu ja, uiteindelijk waren dat allemaal maar praktische beslommeringen, het voornaamste is dat ze daar uiteindelijk toch baat bij gehad heeft. Niet binnen de gebruikelijke drie maanden, maar na een klein half jaar is ze nu sinds twee weken weer thuis. Joepie! De zwarte hond heeft redelijk lang de bovenhand gehouden, maar zo’n anderhalve maand geleden heeft ze ergens een klik gemaakt en is ze erin geslaagd de zwarte hond onder controle te krijgen. Hij heeft wel nog geen andere oorden opgezocht, maar is toch zodanig gekrompen dat het weer leefbaar is voor haar. Sinds enkele weken gaat ze weer halftijds naar school (iets wat daarvoor compleet onbespreekbaar was) en ze heeft enkele examens meegedaan. Nu heeft ze twee weken echte vakantie voor de boeg (geen examens, geen lessen, geen therapieën) om dan in januari opnieuw volledig te starten.

En nu maar hopen dat dat beest zich koest houdt. Want zowel zij als wij zijn er ons goed van bewust dat hij op de loer ligt om weer groter te worden, en dat het zaak is om op tijd de symptomen te herkennen en op te vangen. Maar anderzijds is het evenzeer zaak om met vertrouwen in het leven te staan, en niet krampachtig te reageren om elk mogelijk negatief signaal. Er zijn al genoeg dingen in het gewone leven die een mens eens een slecht moment of een slechte dag kunnen bezorgen, die helemaal niets met de zwarte hond te maken hebben. Het wordt een mooie oefening om die uit elkaar te houden.

Wat de voorbije periode mij ook geleerd heeft: nooit beseft hoe deugd het kan doen om je kind weer regelmatig te zien lachen.

Gepost door: pharailde | november 26, 2013

Zuinigheid

Greet voelt zich dwaas. Ik vind haar allesbehalve dwaas. Integendeel. Hier voltrekken zich gelijkaardige taferelen. De blikken tomaat: identiek hetzelfde ritueel (ik kan er niet tegen dat er nog zoveel tomaat aan de binnenkant blijft hangen). Lege potten van mayonaise of cocktailsaus gaan terug de koelkast in tot we frietjes eten: een handvol frieten in de pot, goed roeren en de resten van de saus zijn nagenoeg verdwenen. De chocopot wordt pas leeg verklaard als er nog nauwelijks een veeg choco te bespeuren valt. Dankzij een supergoede, smalle pottenlikker van Tupperware, dat wel. (Ik verbaas er mij trouwens dikwijls over, als ik glasbakken zie staan, klaar om opgehaald te worden, hoeveel er nog in de potten achtergebleven is. En hoe vuil en vies dat er allemaal uitziet: hier gaat dat toch wel eerst in de vaatwas, of in de gewone vaat)
Dat van die mosterd (enkele ingrediënten erbij kieperen, goed schudden en je hebt vinaigrette), dat vind ik een goede tip. Een om te onthouden.

Ook verzorgingsproducten worden tot het laatste gebruikt: tubes handcrème/dagcrème e.d. en flacons bodylotion worden doorgeknipt en kunnen zo nog twee weken langer gebruikt worden. Flessen van shampoo en douchegel worden naar het einde toe ondersteboven gezet, en het allerlaatst, als er niets meer uitkomt, wordt er een geutje water bij gegoten, eens goed geschud, en klaar voor een laatste dosis zeep/shampoo/conditioner.
Alleen tubes tandpasta worden niet doorgeknipt: dat plakt te veel …

Gepost door: pharailde | november 18, 2013

Een dag met een zilveren glans

Daarstraks trokken wij, wederhelft E. en ik, toch een fles bubbels open. Want er moest gevierd worden: ons zilveren jubileum als ouderpaar. Jawel, vandaag, 25 jaar geleden, werd dochter M. geboren.
Inmiddels is dat minikindje (die toen al een eigen willetje had, zoals je hier ergens kan lezen) uitgegroeid tot een zelfstandige jonge dame, die helemaal op eigen benen staat, met een diploma en een echte job en een eigen stek en een blog en een samenlevingscontract en al. Ik heb het al een paar keer gezegd vandaag, maar nu ook hier: een heel gelukkige verjaardag, dochter M.

En het is dus niet omdat het feestvarken niet meer thuis woont, dat wij er genen mogen op drinken, nietwaar. Wij hebben tenslotte al het werk gedaan.

Gepost door: pharailde | oktober 21, 2013

Beetje kapot

Murphy voelt zich hier duidelijk weer in zijn nopjes de laatste weken.

Neem nu twee weken geleden. Ik voelde mij al een paar dagen niet lekker, met verstopte neus en hoofdpijn en hoesten en een (half) slapeloze nacht en van die bekende dingen (een (laat verjaardags)cadeautje van de jongens, zo een waar ik niet echt blij mee was), en ben dan toch gezwicht en naar de huisarts gegaan. Die mij enkele dagen thuis zette.

Inmiddels was het tijd voor het middagmaal, en werd er soep opgewarmd in de microgolfoven. Althans, dat was het plan. Want het ding maakte rare geluiden, deed geen lichtje branden, rook eigenaardig en ineens kwam er rook uit de microgolf ipv uit de soep. Daar was iets grondig mis. Exit microgolf dus. Na net geen 25 jaar trouwe dienst. En van een type dat ze al lang niet meer maken: groot (we konden er twee borden naast elkaar in kwijt), en vooral, zonder draaiplateau, waardoor er ook rechthoekige en ovale schotels in konden. Diepe zucht.

Enfin, terwijl we aan tafel zaten (en ik zat af te tellen om mij op de zetel te nestelen) ging de telefoon. Zoon S.W. Met de vraag of papa hem niet kon komen ophalen. Hij was gevallen met de fiets. Nogmaals zucht. Schaafwonden aan knie en onderarm (en dan had hij gelukkig nog kleren daarboven aan, ik weet niet hoe het er anders zou hebben uitgezien): allemaal niet erg, maar had toch enige verzorging nodig, want dat is de merde met schaafwonden, dat geneest doorgaans zonder veel erg, is niet levensbedreigend en zo, maar kan verdomd pijn doen. Uiteindelijk is het mij dan toch gelukt om op de zetel wat uit te zieken.

Zitten we ‘s avonds wat naar bewegende beeldekens te kijken, horen we plots boven een donderend geluid. Toch even gaan kijken: een van de katten had er niet beter op gevonden om een spiegel, die op de slaapkamer in een hoekje stond, om te stoten. Ook niet erg, maar wel weer opkuiswerk (lag bovendien midden in het deurgat). En vooral duimen dat dit nu geen zeven jaar ongeluk brengt.

Inmiddels zijn we in het bezit van een nieuwe microgolfoven. Wat ook niet zo simpel was, moeilijke mensen zoals we zijn. We gingen eerst kijken bij een zelfstandige elektrowinkel, waar ze zowaar nog gelijkaardige microgolfovens verkochten. Groot, en zonder draaiplateau. Alleen kostte de ene een € 1600, wat toch wel wat boven het budget lag, om het zacht uit te drukken, en de andere ‘slechts’ € 500, maar daarin kon je behalve de tijd, niets instellen, zoals vermogen of zo. Dat leek ons niet echt praktisch en daarvoor dan ook wel nog erg duur. Bleek dat dit goede degelijke toestellen zijn, maar vooral gemaakt voor horecagebruik. De andere modellen in de winkel, incl. combi-ovens, waren veel te klein, dus gingen we maar elders kijken. En belandden we bij de keten achter de hoek. Daar vonden we zowaar een (combi)toestel dat groot genoeg was, weliswaar met draaiplateau, maar ook onze grote schotels passen erop. Alleen, in deze winkel was er geen exemplaar meer beschikbaar, in een ander filiaal wel. Dan maar naar daar gereden (en ondertussen thuis de oude vertrouwde microgolf – die toch het overgrote deel van ons gezinsleven heeft meegemaakt – opgehaald om hem daar achter te laten, we betalen toch recupel voor iets), het ding opgehaald, thuis de handleiding doorworsteld (heb ik een hekel aan) en nu staat hij op de koelkast te pronken (en wordt regelmatig gebruikt, uiteraard).

Vorige week gaf de broodrooster het op, en moest vervangen worden.

Zaterdag kwam een aannemer langs om nog iets te regelen aan het balkon van de kamer van dochter E. Liet hij toch wel een lijmschroef (sergeant in het schoon Vlaams) naar beneden donderen zeker. Lap, dakpan gebroken van het dak boven de eetkamer. Al een chance dat de dakwerker binnenkort toch moet langskomen voor het dak, omdat het vorige week zondag, tijdens die pittige herfststormen en -buien, op diverse plaatsen binnen regende. Heel tof, zeker op een dag dat je de familie op bezoek hebt voor de verjaardag van je schoonmoeder.

En dan viel gisterochtend wederhelft E. in panne: hij was opgestaan met een ontstoken oog – zo leek het toch – dat behoorlijk pijn deed. Een bezoek aan de huisarts van wacht later, leerde ons dat het geen ontsteking was, een vanzelf ontstane beschadiging van het hoornvlies (cornea-erosie stond op het briefje). Antibioticazalf om ontstekingen tegen te gaan gekregen, en gisteren moesten we er ook een verbandje op leggen. Vandaag op controle bij de oogarts, die wist te zeggen dat het behoorlijk lang kon duren vooraleer het genezen is, en dat er kans is dat het terugkomt. Plezant vooruitzicht dus. Positief was wel dat er geen verbandje meer nodig was, alleen zalf, waardoor hij toch wat mobieler is. Nadeel is dan weer dat lezen en computeren niet zo vlot gaan, en dus ook zijn werk blijft liggen (en hij dan anderzijds zelfs geen boek kan lezen ter ontspanning). Hopelijk voor hem komt dat toch snel weer in orde.

Ik vind dat het nu wel een beetje mag stoppen.

Gepost door: pharailde | oktober 12, 2013

Beton

Soms versta ik dat niet goed, dat verbouwingswerken bij andere mensen op korte tijd kunnen. Ze hebben hun wensen, ondernemen de nodige contacten, er wordt gepland en nog eens gepland, en op relatief korte tijd is heel het boeltje geklaard. Waarmee ik absoluut niet wil zeggen dat er bij hen geen frustraties aan te pas komen, dat alles “a piece of cake” is, dat het geen ongemakken teweegbrengt, dat er geen stof gevreten wordt, dat het niet koud en ongezellig is, dat het allemaal van een leien dakje loopt, en dergelijke meer. Maar op een paar maanden tijd heeft (een deel van) de woning een grondige metamorfose ondergaan.

Helaas zijn er ook andere werven. Zoals bij ons bv. Het is alsof Murphy zich specialiseert in onze bouwfases en alles extra traag laat verlopen (gelukkig bestaat er kleurshampoo om al dat grijs haar te vermommen, maar diep vanbinnen stapelen de frustraties zich toch behoorlijk op). Dit gezegd zijnde, toch even naar de enkele positieve kanten van dit verhaal. Want het is nu ook niet zo dat er helemaal niets gebeurt.

Diegenen die ons irl kennen, weten dat wederhelft E. beroepsmatig een deel van de eetkamer inpalmt en dat het de bedoeling is dat hij beneden zijn bureau inricht (staat ook zo op de bouwplannen). De daarvoor voorziene ruimte behoeft evenwel nog enkele grote werkzaamheden, zoals bv. de aanleg van een vloer. Gestampte aarde heeft vele, vele eeuwen zijn diensten bewezen, maar is nu toch niet echt meer van deze tijd. Gepolierd beton, dat leek hem beter geschikt. Maar vooraleer er ook maar 1 druppel beton gestort werd, waren vele voorbereidingen nodig, zoals bv. het leegmaken der ruimte (elke vrije plaats hier in huis werd/wordt gebruikt om allerlei rommel (euh, materialen) te stouwen en voorlopig op te bergen) en het afgraven der grond, kwestie dat die toch wat genivelleerd zou liggen en er voldoende plaats was voor isolatie. Inmiddels hadden onze vrienden en kennissen allemaal een abonnement op zak bij de AA omdat zij zo bereidwillig waren om heel wat te drinken teneinde ons voldoende kurken te kunnen bezorgen. Die moesten dienen als isolerend vulmiddel (of zoiets). Enfin, in de zomermaanden werden de laatste voorbereidende werken afgerond, werden de kurken over de vloer gespreid, en werd er isolatie aangebracht zodat de betonaannemer op maandag 2 september zijn opwachting kon maken.

Inmiddels hadden we ook afgesproken om de oprit (de meest verwilderde van de straat, we weten het, de buren moesten ondertussen over niets anders roddelen) te laten betonneren. En daar wrong plots het schoentje. Want er waren blijkbaar enkele communicatiestoornissen over wie die oprit zou afgraven en betonneerklaar maken. Wij gingen ervanuit dat de aannemer daarvoor het nodige materiaal ter beschikking had, maar dat bleek niet het geval. In extremis wou wederhelft E. die klus handmatig samen met de kinderen klaren, maar dat bleek onbegonnen werk: te veel samengestampte aarde en te veel door de decennia verzameld steenpuin.

Dus werd er die 2de september alleen maar wapening in het bureau geplaatst, en werd er niet gebetonneerd: de aannemer wou alles in één keer afwerken (zodat de betonmolen maar 1 keer moest komen), wat natuurlijk wel logisch klonk. Dus werd dan toch in extremis een graafmachine gehuurd en een container besteld, en werd de (schoon)broer – die daarmee ervaring had – bereid gevonden om die graafmachine te bedienen. Die klus werd, wonder boven wonder, reeds op de volgende vrijdag geklaard. De week erna zou de betonaannemer dan terugkomen.

Maar toen, toen begon Murphy zich te roeren. Want genoten we tot dan toe van een mooie zomer, in die tweede week van september begon het te regenen. Ineens was het herfst en bleef het regenen. Daarom niet constant, maar elke dag wel enkele buien. En dus konden ze voorlopig niets doen, want het moest droog zijn voor de werken aan de oprit. Toen het dan na een kleine 2 weken eindelijk weer droger werd, hoorden we evenwel niets meer van meneer de aannemer. Op mails kwam geen antwoord, de telefoon werd niet opgenomen en na het inspreken van een boodschap werd niet teruggebeld. Behoorlijk frustrerend, omdat je toch wel machteloos staat. Ondertussen was de oprit eerder veranderd in een poel en was het niet zo evident om met propere voeten het huis binnen te komen (toch wel heel wat zand binnen gehad), en moesten we die hele tijd de auto ergens in de wijk achter ons parkeren (op zich niet zo erg, maar als je gewoon bent dat hij gewoon op de oprit staat …).

Uiteindelijk hebben ze – ik weet niet meer welke vrijdag – toch een mail beantwoord met de mededeling “dat ze volgende week kwamen voortdoen”. Een week is blijkbaar een rekbaar begrip want het was uiteindelijk de maandag daarop dat ze kwamen voortdoen, zijnde vorige maandag, 7 oktober. Oef. En nu is er een mooi gepolierde vloer in het – toekomstig – bureau, en hebben we een oprit. Juij. Thuiskomen zonder zand of modder aan je voeten. Alleen de auto mag er nog niet staan, daarvoor moeten we nog meer dan een weekje wachten. Want bandensporen in het beton, dat zien we nu toch ook niet zitten.

En nu, nu moet er een aannemer worden gezocht om de binnenmuren te komen metselen. Benieuwd hoelang dat op zich zal laten wachten.
En ondertussen zal ikzelf dan ook eens een ‘tuinplan’ moeten opmaken, om de twee stroken groen opzij aan te leggen (met zo weinig mogelijk onkruidvorming) … Voorstellen of ideeën zijn altijd welkom trouwens :)

Enkele beeldekens:

Gepost door: pharailde | september 29, 2013

Plechtig

Ik weet het, een mens is al snel geneigd te denken “dit is toch verouderd, dit is uit andere tijden, schaf dat toch af”, enz.
Maar toch.
Als bazuingeschal de ruimte vult (ok, niet live), terwijl twee ceremoniemeesters in vol ornaat, met staf, het halfrond betreden, gevolgd door een stoet professoren in toga, dan geeft dat toch wel een heel bijzonder gevoel.

We bevinden ons in de Aula Academica van de Gentse Universiteit, het feestgebouw voor officiële plechtigheden in de Voldersstraat (gebouwd door Louis Roelandt en ingehuldigd in 1826). Ook de locatie geeft het gebeuren wat meer grandeur.

De helft van de zaal is gevuld met jonge mensen (opvallend: vooral meisjes), uitgedost in toga en baret, geheel conform de enkele jaren geleden nieuw ingevoerde traditie. Een van hen is dochter M. Mijn moederhart zwelt van trots. Ze heeft er hard voor gewerkt, het liep niet altijd van een leien dakje, maar opgeven staat niet in haar woordenboek en nu zit ze daar, heel fier, tussen de vele anderen om de beloning in ontvangst te nemen: haar einddiploma.

20130928_Proclamatie1

U heeft het uiteraard reeds geraden: gisteren waren we aanwezig op de plechtige proclamatie van de Masters of Science in de Revalidatiewetenschappen en de Kinesitherapie.
Er waren toespraken (waaruit bleek dat het zelfs een historische namiddag was: het was de allerlaatste officiële opdracht van rector Paul Van Cauwenberge, het was het laatste jaar dat de opleiding ingericht werd door een samenwerking tussen UGent en Arteveldehogeschool – vanaf dit academiejaar is de opleiding volledig geïntegreerd in de universiteit, en ook de directeur van de opleiding gaat met pensioen), er waren muzikale intermezzi door het universitair koor en er was uiteraard de naamafroeping van de gediplomeerden (gelukkig moesten ze op dat ogenblik hun diploma niet ophalen, of dat zou daar een pak langer geduurd hebben). De plechtigheid werd afgesloten met de beide volksliederen.
En ja, ik kan het niet helpen, bij dergelijke plechtigheden hou ik het niet droog. Maar blijkbaar heeft het niet echt gestoord, want vriend M. had zelfs niet gemerkt :)

Ik vond wel twee dingen jammer. Eerst en vooral dat wederhelft E. er niet bij kon zijn. Ah ja, elke student mocht maar twee genodigden meebrengen. We vonden het vanzelfsprekend dat vriend M. erbij was, en wij moesten maar van lotje trek doen. We hebben dan wel besloten dat hij achteraf naar de receptie kwam, zo was hij er toch ook een stukje bij en kon hij zijn als academica uitgedoste dochter toch zien (want die outfit moesten ze na afloop teruggeven, voor een volgende lading studenten – gelukkig maar eigenlijk, want wat doe je daar anders mee).
En het tweede spijtige was het feit dat ik toch het deftig fototoestel niet meehad. Ik zag er een beetje tegenop om dat met de bus mee te slepen, maar foto’s nemen met de telefoon in een ruimte zonder veel licht is toch niet ideaal, pointillistische foto’s, het is een nieuwe stijlvorm (en silly me, ik dacht dat ik de intrede van de professoren gefilmd had, maar had niet goed opgelet en de camera uit gezet ipv aan. Grrr, hoe stom kan je zijn).

20130928_Proclamatie2

20130928_Proclamatie3

Maar dit zijn details. We hebben nu een dochter met een einddiploma. Alweer een mijlpaal in haar leven afgesloten en op weg naar een heel nieuwe fase.
Vanzelfsprekend hebben we de dag afgesloten met een gezellig etentje met het gezin (en een derde element dat ik jammer vond: zoon J. kon er niet bij zijn, want hij was ziek en zag een restaurantbezoek niet zo goed zitten).

Older Posts »

Categorieën

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.