Posted by: pharailde | mei 10, 2008

Stoorzenders

Zaterdagochtend, lang weekend. Plan: slapen tot rond half negen (normale zaterdagen slapen we een stuk langer).

Zaterdagochtend, lang weekend. Kwart voor acht: “wat hoor ik nu toch?” Het geluid van schrapend metaal en van een radio en dan enige tijd later, o help, ook nog van een drilboor. Blijkbaar moeten ze bij de buren zo nodig aan de oprit werken. Ik weet weer waar mijn aversie voor het werk van aannemers vandaan komt (en om nog veel meer redenen, maar als ik daaraan begin, ben ik vertrokken voor een trilogie, vrees ik).

Zaterdagochtend, lang weekend. Ik probeer mij nog eens om te draaien. Ik wil zelf beslissen wanneer ik opsta, maar de irritatie door het lawaai is te groot, ook al staat zijn radio op Klara.

Zaterdagochtend, lang weekend. Badkamer. De gebruikelijke ochtendlijke rituelen die ik liefst in alle rust uitvoer. Plots het geluid van iets slijpschijfachtig. “Hoe? Die aannemer was toch aan de straatkant bezig? Zou je dat tot hier aan de achterkant horen? En hij had op het eerste gezicht toch geen slijpschijf bij zich?” Irritatie.

Zaterdagochtend, lang weekend. Beneden. Toch maar een kijkje nemen op het terras. De slijpschijf blijkt een zaagmachine bij de andere buren te zijn. Die buren zijn enkele sociale appartementen die ze al sinds juli 2006 aan het renoveren zijn (met alle bijkomende ergernissen). De werken zijn ongeveer gedaan (sommige appartementen zijn zelfs al bewoond) maar blijkbaar moesten er nog enkele klusjes afgewerkt worden. Op een zaterdag. Van een lang weekend.

Het belooft een heel gezellige dag te worden.

Posted by: pharailde | mei 9, 2008

Huisvlijt

Waarom, o waarom, voelt een mens zich zo veel beter als alles rondom hem proper ende netjes ligt? En waarom, o waarom, moeten we daar zo veel van onze kostbare tijd ende energie insteken om o zo kortstondig van dit voldane gevoel te kunnen genieten. Tijd waarin we bij manier van spreken een half boek kunnen uitlezen, zeven artikels schrijven, de krant lezen, naar een tentoonstelling gaan, een film en twee series bekijken, een strandwandeling maken of gewoon genieten van nietsdoen.

Maar! Inmiddels heb ik dan toch, in het zweet mijns aanschijns (letterlijk te nemen) en al hoestend en proestend, gisteren en vandaag (ik had vrijaf genomen) o.m.:

  • de ramen gepoetst (ik ben dan altijd verbaasd dat alles er zo glashelder uitziet)
  • de oven schoongemaakt (ik moet toch een beetje een goede indruk geven als al dat vreemd volk zondag zich in mijn keuken behulpzaam wil maken)
  • het terras geschrobd (compleet tijdverlies, grrr, de plekken bleken na het opdrogen behoorlijk hardnekkig te zijn, het is alleen wat opgefrist - zal moeten volstaan voor zondag, neh)
  • de badkamer grotendeels ontdaan van stof en vuil (dat gebeurt wel veel frequenter maar was ook weer dringend nodig)

Ook de boodschappen zijn grotendeels gedaan.
En, lieve stads- en streekgenoot, ik wil hierbij een oproep doen. Ik waardeer het, echt waar, ten zeerste dat jullie mijn zelfvertrouwen willen opkrikken en mij het gevoel geven dat ik erbij hoor, door samen met ons boodschappen te doen, maar dat hoeft echt niet. Toch niet zo massaal. Een handjevol medemensen volstaat want zo moederziel alleen in de winkel is inderdaad ook maar eenzaam. Maar ziet u, tijdens het moment dat u mij zo massaal wil vergezellen, profiteert u er natuurlijk van om tegelijk ook uw eigen boodschappen te doen, wat ik uiteraard perfect begrijp, maar zo zorgt u er wel voor dat ik morgen helaas terug moet omdat een aantal dingen, die ik toch wel nodig heb voor zondag, voor vandaag uitverkocht waren (en nu hopen dat de vrachtwagen ze vannacht mee heeft).
Ter vergelijking, de kwantiteit van uw aanwezigheid deze ochtend in Ikea was gewoon perfect. Zo is het zalig winkelen en ik was echt vergeten dat dat nog kon. En we hadden dubbel geluk: alles wat we nodig hadden, was zelfs voorradig. Soms is dat wel anders.

Morgen wordt dan, naast de zoektocht naar de niet meer voorradige ingrediënten, een dagje bronselen in de keuken om al zoveel mogelijk voorbereidend werk te doen, en dan zijn we er klaar voor (hoop ik toch). Klaar voor de gasten op ons allerlaatste communiefeest.

Maar eerst nog even ontspannen met het optreden van Henk Ryckaert morgenavond. We gaan er zelfs een gezinsuitstap van maken.

Posted by: pharailde | mei 7, 2008

Elektronisch speeltje

Er zijn voorjaarsbloeiers en er zijn laatbloeiers. Ik ben blijkbaar een laatbloeier in het voorjaar. Ik ben er om een of andere reden in geslaagd om die hele lange sombere winter bacterie- en virusvrij door te komen, ondanks de besmettingshaarden thuis of op het werk. Maar nu, nu de zon het land en onze harten opwarmt en we de winter achter ons laten, nu zijn ze daar, de virussen, de niesbuien, het gesnotter, het zwaar hoofd en al wat daar bijhoort. Ik heb al het antivirusprogramma van de pc uitgeprobeerd, maar dat helpt gelijk niet echt. Dat belooft dus tegen zondag. Bedankt zoon J.
Tot zover het medisch bulletin.

Zoals ik reeds eerder schreef, zijn wij niet direct haantjes-de-voorste als het erop aan komt om onze neus buiten de deur te steken. Ofwel komt het er niet van om tickets te bestellen, ofwel is het evenement al lang voorbij als we er ergens over lezen. Ook bij wedstrijden of tombola’s komen de prijzen nooit onze kant uit (we nemen dus wijselijk nog zelden deel). Maar soms, heel soms wordt er ons iets in de schoot geworpen. Zo konden we gisteren, dankzij Het Project naar de documentaire film Theremin: An Electronic Odyssey uit 1993. Alhier leest u er veel meer over. Ik moet eigenlijk wat nuanceren. Wederhelft E. kon naar de film, en ik hield hem gezelschap. Want hij is de persoon ten huize die redelijk wat interesse heeft voor elektronische muziek, en er ook ietentwat over weet. Hij had dus al over die Theremin en zijn uitvinding gehoord. Ik langs geen kanten. Maar ik was wel nieuwsgierig geworden na het lezen van het desbetreffende artikel op Het Project.

Gelukkig dat ik dat artikel gelezen had, zo bleek ik de film tenminste te kunnen volgen. Want ik had eigenlijk een chronologisch opgebouwde biografie verwacht, weliswaar doorspekt met interviews met de betrokken personen, maar ook gekaderd in een historisch perspectief. Niets daarvan dus, alleen de interviews waren er en enkele oude en minder oude opnamen van concerten met de theremin. Ik moet wel toegeven dat ik weinig affiniteit heb met elektronische muziek. Technisch gezien is het wel fascinerend om te zien wat de mogelijkheden zijn, maar qua klank en muziek ligt het mij toch niet. Het geluid van een theremin bleek mij vrij snel te vervelen (ik zat mij af te vragen hoe men zou reageren als er via de antenne plots signalen uit de ruimte zouden doorkomen …). Ik had ook het gevoel dat de theremin eerder beschouwd werd als een attractie uit een rariteitenkabinet dat men absoluut moest gezien hebben, in plaats van een volwaardig muziekinstrument. Anderzijds, het stukje “Le Cygne” uit Carnaval des Animaux (Camille Saint-Saens) dat Theremin lang geleden tijdens een concert begeleidde, was wel de moeite.

Voor de rest was het best spannend. Jazeker. Waarvoor ik vreesde is gebeurd. Ik heb heroïsche gevechten geleverd. Met Klaas Vaak. Ten eerste ben ik daaraan zeer gevoelig (onze videotheek is ruim gevuld met films waarvan ik alleen de eerste helft gezien heb, en bij politiereeksen kennen ze hier al mijn geijkte vraag na afloop: ‘mmm … en wie was het nu?”). Bovendien is een documentaire geen spannende speelfilm, zeker als de film vooral opgebouwd is uit interviews. Bleek ook dat er geen onderschriften waren (behalve Engelstalige bij Theremin zelf) en al kan ik een redelijk mondje Engels, de inspanning om te volgen is toch groter, zeker omdat ik van mezelf weet dat ik een slecht luisteraar ben, zelfs in het Nederlands (ik mis altijd de helft van wat gezegd wordt). Maar ik heb gewonnen. Hier en daar is mij wel een fragment ontsnapt, maar zeker geen grote stukken. En ik ben blij dat ik het gezien heb. Ik heb vooral een en ander bijgeleerd en dat stemt mij altijd gelukkig.

Posted by: pharailde | mei 5, 2008

Lange weekends

Ik ben vreselijk. Ik.

Zoals de meeste mensen, zo vermoed ik toch, tel ik de dagen af als er een lang weekend in het verschiet ligt. Joepie, een korte werkweek en dan enkele dagen genieten. Althans, dat is het plan. De praktijk, dat is iets anders. De vooravond van het (lange) weekend is altijd zalig. Hopen tijd liggen in het verschiet. Maar neem nu vorige week. ’s Ochtends wordt er al wat langer geslapen, en met tieners lukt dat zonder problemen. In de praktijk komt het erop neer dat ik meestal opsta rond half tien (soms wat vroeger, soms wat later) maar tegen dat de laatste, mits enige zachte dwang, aanschuift voor het ontbijt is het al gemakkelijk elf uur, dus tegen dat iedereen klaar is (en ja, wij zijn van die conservatieve mensen die eraan houden om samen te eten, dus wachten we tot iedereen beneden is) en er afgeruimd is, is de dag al halverwege.

En dan, dan voltrekt zich de ramp. Dan, lees donderdagmiddag, begin ik aan de opmaak van een todolist. Die is zeer snel zeer lang. Want volgende week is het plechtige communie, en het zou wel leuk zijn als een aantal eeuwig uitgestelde (huishoudelijke) taken, zoals daar zijn living en bureau opruimen of ruiten kuisen, tegen dan misschien toch eens aangepakt werden. En ja, ik weet wel dat als je een bende van meer dan twintig man over de vloer krijgt, je beter je huis pas achteraf kuist, maar toch. Ik vind dat het toch een beetje toonbaar moet zijn. En om het halfjaar eens de ramen poetsen, is toch niet overdreven. Neen toch? Donderdag was het echter geen ramenpoetsweer, dus maar weer uitgesteld en gestart met het opruimen: stapels met op te bergen papieren van de verschillende scholen (wel afgehandeld, dus geen verrassingen), losse administratie die nog geen plaats gevonden heeft, nog te lezen knipsels en (vak)tijdschriften, foto’s-die-voor-de-een-of-andere-nodig-waren-voor-school-maar-nog-niet-teruggestoken-en-dus-nu-uit-te-zoeken-waar-die-in-godsnaam-zaten, enz. U kent dat wel. Indien u dat niet bekend voorkomt, hoe doet u dat! Het frustrerendste is dat je daarmee uren zoet bent, en dat je amper ziet dat er iets opgeruimd is.

Plots is het dan donderdagavond en dan komen ze. De spoken, de buien, de frustraties. Er is al één dag van het zo verlangde weekend om, op die lijst valt nog nauwelijks iets te schrappen, en vooral, het hoofdstuk genieten van de vrije tijd is nog ver te zoeken. Er komen toch nog dagen? Jazeker, maar die zitten ook al volgeboekt, vooral met boodschappen. Zoals op vrijdag. ’s Avonds hadden we bezoek en daarvoor moesten we eerst nog naar de Colruyt (om dan meteen ook onze wekelijkse boodschappen in te slaan). Tussen haakjes, dat Colruytbezoek, dat bleek pas een ramp. We hebben het geweten dat onze vertrouwde winkel wel open was en veel andere niet. Wij rond twaalf uur naar daar om in een complete chaos te belanden: de parking overvol, waar mogelijk dubbel of zelfs driedubbel geparkeerd, en iedereen maar zoeken naar een plekje. Op de koop toe was er een rij wachtenden om een kar te bemachtigen. Ons niet gezien en wij weer naar huis. Twee uur later nog eens geprobeerd, te voet (is vlakbij), een kar bemachtigd, ons tussen het volk gewurmd, onze boodschappen gedaan (althans wat er nog te krijgen was - op sommige plaatsen was het net een slagveld), de nodige tijd aangeschoven aan de kassa (tussen de bijna lege karren) en dan met de kar te voet naar huis, via kasseien een stuk op het fietspad en hier en daar een borduur op en af. Een avontuur op zich. Maar ’s avonds was alles in orde en het was een zeer gezellige avond. De eerste barbecue van het jaar trouwens.

Terug naar de frustraties. Dergelijke dagen geven altijd een dubbel gevoel. Ik kan maar echt van nietsdoen genieten als de boel - toch een beetje - op orde ligt. Maar op die dagen ontbreekt ook een beetje de fut en de zin om in gang te vliegen en eerst het noodzakelijke te doen, waardoor dat langer duurt dan gepland waardoor ik ambetant loop dat het niet vooruit gaat, en voor ik het weet zit ik in een vicieuze cirkel en is het weekend om en heb ik mij amper geamuseerd en is er het onbehagen omdat ik lang niet alles gedaan heb wat ik wou doen. Kan u nog volgen?

Maar ik begin te leren. Zondag heb ik mijzelf verplicht om een groot deel van de dag buiten op het terras te zitten en te genieten van het mooie weer. Akkoord, ik heb ondertussen wat herstelwerk gedaan dat daar al heel lang lag, maar ik zat toch buiten. En ik heb ook een en ander gelezen. Ik moest er bovendien van profiteren want het weer nu is mijn lievelingsweertype: aangename temperaturen om buiten te zitten en niet te warm waardoor ik nog iets kan doen. Alleen houdt dit weer nooit lang aan. Ofwel slaat het na een paar dagen om en begint het weer te regenen, ofwel wordt het crescendo warmer en daar kan ik dan weer zeer slecht tegen (sorry voor al de dames en heren die pas opleven bij tropische temperaturen, ze zijn aan mij absoluut niet besteed). 

Ik kijk al uit naar het volgende lange weekend en de extra dagen vrijaf die ik genomen heb, maar door de plechtige communie zondag weet ik nu al dat er voor genieten van nietsdoen niet veel tijd zal resten. Die ruiten zijn bv. nog steeds niet gekuist. Goed hé.

Posted by: pharailde | mei 4, 2008

Over een haardroger en vlekken en …

Een en ander over de hele kleine dingen des levens.

Ik gebruik al jaren voor mijn haar enkele specifieke producten van Elsève (van l’Oréal). Het is allemaal weinig spectaculair (met mijn flutjeshaar verwacht ik ook niet veel) maar ik ben er content van en heb geen zin iets anders te gebruiken. Het is natuurlijk zo dat uiteraard vanzelfsprekend uitgerekend die soorten op een bepaald ogenblik uit het assortiment van de Colruyt verdwenen zijn. Zo gaat dat in het leven, de dingen waarvan je content ben, die verdwijnen - ofwel bij de fabrikant, ofwel bij de winkel. Dus koop ik die dingen nu in het Kruidvat. Als ik daar eens passeer. En dan koop ik natuurlijk een aantal pullekes tegelijk.
Zoals deze week, na het werk. Er stond een lange rij aan de kassa en de verkoopster keek almaar stiekem naar die rij, telkenmale zuchtend. Het leven kan hard zijn, mevrouw. Toen ik aan de beurt was, moest ik zelfs zelf de spullen in het zakje steken, want ja, ze moest zich reppen want die rij was zo lang, en ja, of ik het mandje ook zelf wou terugplaatsen, want er was zo veel volk, enz. enz. Bon, ik had niet veel zin in gedoe en deed braaf wat van me gevraard werd. Na de betaling stak ze wel plots nog een doos in het zakje. Het bleek een ‘professionele’ haardroger te zijn, van l’Oréal, want ik had toch veel producten gekocht. Ik zal wel een grote uitzondering zijn, maar normaal gezien heb ik een hekel aan dergelijke cadeautjes, want meestal trekken die toch op niet veel, of kan je er gewoon niets mee aanvangen. Maar met 2 dochters in huis komt zo’n haardroger wel nog van pas. Dacht ik.
’s Anderendaags ochtend kreeg ik, nog niet goed wakker zijnde, in de badkamer het gezelschap van dochter M. die al fris gedoucht was. Ze had de haardroger gebruikt en er was iets vreemds mee aan de hand. De kant waar normaal gezien de warme lucht uitkomt, waar ook een speciaal mondstuk zat, bleef koud en de warme lucht blies eruit aan de achterzijde! Er beneden op het gemak nog eens naar gekeken, er echtgenoot E. bij gehaald, maar we kwamen allen tot dezelfde conclusie: het ding zat verkeerd in elkaar. En neen, hem omgekeerd gebruiken was geen optie. Als dat de manier is waarop ze hun producten met fabricagefouten wegwerken, awel ‘t is proper. En ik weet, eigenlijk zou ik terug moeten naar het desbetreffende Kruitvat om hem in te ruilen, zodat ze weten wat ze aan de klanten meegeven, maar ik had de courage niet. Echtgenoot E. moest naar het containerpark en de haardroger ligt daar nu te zieltogen. ‘t Zag er bovendien toch niet echt een goeie uit.

Iets anders. Zoon J. was met de fiets al vloekend thuisgekomen. Een of andere automobilist had zijn ruitensproeiers gebruikt, en zoals dat al eens gebeurt, die vloeistof spreidt zo breed, zodat ook hij ervan kon ‘meegenieten’. Ik vraag me alleen af wat voor goedje in dat sproeiend mengsel zat, want helaas, driewerf helaas, was dat product ook op zijn trui terechtgekomen, en dat heeft dus blijvende vlekken veroorzaakt. Ik vermoed dat er iets bleekwaterachtigs inzat, want de kleur is gewoon weggevreten. Proper is dat. De automobilist maakt zijn ruiten schoon (flink zo) maar de fietser (of ook voetganger) kan zich nieuwe kleren gaan aanschaffen.

En nog rare dingen. Ik was bh’s in de wasmachine op een speciaal programma ‘fijne was’, zonder te laten centrifugeren (want met de hand wassen, dat vind ik zo’n gedoe). Zo ook dit weekend. Ik was de bh’s zoals altijd, ik haal ze uit de wasmachine, dep het meeste water eruit in een handdoek en hang ze te drogen. ’s Anderendaags haal ik ze van de draad en ze voelen helemaal kleverig aan, alsof er nog te veel zeep in zit. Ok dus, opnieuw de machine in, zonder zeep ditmaal, en laten spoelen. Na deze behandeling blijft dat kleverig gevoel. Ik ze dus royaal onder de kraan gehouden en gespoeld en gespoeld en gespoeld. Het is nog niet volledig weg, maar toch al draagbaar. Ben wel benieuwd naar de volgende wasbeurt. Ik kan vooral geen verklaring vinden voor het fenomeen. Toch wel bizar.

Posted by: pharailde | mei 2, 2008

Het rode leger

[Een dag later dan voorzien, en het heeft eigenlijk weinig belang, maar dan word ik koppig: hier volgt dus wat ik gisteren wou schrijven, en enkel gelukt via Firefox]

Michel deed er mij deze namiddag plots aan denken met zijn uitspraak over het “rode heir”, aan de foto’s van ons eigen rode leger:

En neen, ons leger was nog niet voltallig, en neen, het is niet hier (maar in Sofia, Bulgarije), en neen, het was niet op 1 mei - gelukkig (maar op 31 december 1995), maar het is wel rood.

Posted by: pharailde | mei 1, 2008

Niet zoals verwacht

Murphy ’s in the house again. Ik wou eigenlijk vanavond enkele fotootjes posten van ons eigen rode leger (tja, 1 mei roept soms associaties op), maar het zal voor een andere keer zijn. Toen ik de foto’s op mijn blog wou opladen, bleek het menuutje waar ik dat altijd zonder problemen kon doen plots maar half zichtbaar, en ik weet niet goed hoe ik dat moet rechttrekken (heb toch gezegd dat ik niet technisch onderlegd ben). Zal er eens een nachtje over slapen. Grrr.

Posted by: pharailde | april 30, 2008

Vijftien!

Vandaag hebben we opnieuw een jarige in huis. Zoon J. mocht vijftien kaarsjes uitblazen. Dus tijd voor nog een bevallingsverhaal. Maak het u gemakkelijk.

Zoon J. was verwacht voor 18 april (hoewel we toen nog niet wisten dat het zoon J. zou worden, het kon evengoed dochter Lara geweest zijn). Ik was reeds in bevallingsverlof sinds 3 april of zoiets. Ik werkte toen in Beveren-Waas en alle dagen die bus- en treinritten begonnen zwaar te wegen. Hoewel ik al ervaring had met dochter M. (14 dagen) en zoon S.W. (10 dagen overtijd), hoopte ik toch dat het niet weer zolang ging duren. En ik, silly me, maar schrik hebben dat hij ook overal 13 april als zijn geboortedatum zou moeten invullen. Die datum was van zijn broer.

Wiegje

Maar de dagen verstreken, het wiegje was klaar, de koffer stond gepakt maar zoon J. vond het veel te goed waar hij zat. Tijdens de laatste controle bij de gynaecoloog werd dan ook beslist om de natuur een handje te helpen en op vrijdagochtend 30 april werd ik in het ziekenhuis verwacht. Op donderdagavond brachten we de twee oudsten naar mijn ouders en profiteerden er nog even van door naar de bioscoop te gaan en nog een hapje te gaan eten. Wie weet wanneer de volgende kans zou komen? (Ik had hier graag neergeschreven naar welke film we geweest zijn, maar dat lukt vooralsnog niet (ik zou het nochtans zelf ook willen weten). Maar mijn agenda van toen zit ergens in een archiefdoos tussen vele andere voorlopig definitief ergens in dit huis verstopt, en om alleen daarvoor de hele boel ondersteboven te keren, neen bedankt. Wel één van mijn vele frustraties, hier in huis niet gewoon kunnen nemen wat ik wil. Maar bon, misschien kan ik het voor zijn twintigste verjaardag achterhalen).

Op vrijdagochtend, rond acht uur, stonden we in het ziekenhuis (toen nog Sint-Vincentius (in Gent), het huidige Sint-Lucas). Om een of andere reden kwam ik niet in een arbeidskamer terecht maar in een weinig gebruikte verloskamer. Ook goed. De omgeving was wel wat minder aangenaam (voor zover ook die arbeidskamers enige gezelligheid uitstraalden, want in tegenstelling tot de kamers waren die technische ruimtes nog niet heringericht), maar dat had uiteindelijk minder belang. We waren daar voor andere dingen.

We mochten ons installeren, ik werd onderzocht, het water werd gebroken, de weeën kwamen heel zachtjes op gang (meen ik mij te herinneren), maar na enige tijd werd toch beslist om een bakster te steken. In het begin probeer je tussen de weeën door toch nog wat te lezen, maar met zo’n infuus volgen die elkaar wel veel sneller op, dus geen lectuur meer. Veel concrete dingen over het verloop van de voormiddag weet ik niet meer. Alleen dat ik mij op een bepaald moment nogal raar begon te voelen en dat bleek dat ik aan het hyperventileren was door te snel te puffen. Oh ja, en dat wederhelft E. een middagmaal kreeg. Hij wel, ik niet (uit veiligheid voor mocht er iets mis gaan en ze volledig moesten verdoven). En net zoals toen dochter M. geboren is, stond er vis op het menu: het was immers opnieuw een vrijdag.

Tegen een uur of één werd ik nogmaals onderzocht: vijf centimeter. We waren nog maar aan de helft! Nog zolang! Ik zag het even niet zitten en begon te overwegen of ik toch geen epidurale verdoving zou vragen. Maar eerst nog eens gaan plassen. Ik had in de loop van de ochtend al ondervonden dat de pijn beter te dragen was als ik rechtop zat, maar volgens de vroedvrouw vlotte de ontsluiting beter als ik op mijn zij lag. Door dus naar het toilet te gaan, en mij vooral niet te veel te haasten, kon ik toch nog even rechtop zitten. En dat deed deugd. En terwijl ik daar zo zat te zitten en te puffen en de tijd te rekken, voelde ik iets drukken, alsof ik een grote boodschap moest doen maar dat kon niet want ik had uren ervoor een lavement gehad. Toen drong het tot me door dat ik het hoofdje voelde, en ik had al visioenen van een kind dat op het toilet geboren werd. Maar zo snel gaat dat nu ook weer niet. Desondanks heb ik toch maar hulp gevraagd. Opnieuw onderzoeken en jawel, 10 cm ontsluiting. Verhuis naar de gewone verloskamer, op de verlostafel, inmiddels mijnheer doktoor erbij geroepen, enkele keren persen en om 13.20 u. waren wij de trotse ouders van zoon J., 51,5 cm lang en 4,2 kg. zwaar.

Zoon J.

Na de nodige verzorging van moeder (incl. een beetje naaiwerk) en zoon, mochten we naar de kamer om daar wat te bekomen en vooral om te genieten van ons nieuwste wereldwonder. Toen ik wat later moest plassen, had ik geen zin om zo’n bedpan te vragen. Ik voelde mij goed en zou wel zelf naar het toilet gaan. Dat was een misrekening. Ik had blijkbaar iets met toiletten die dag want alles begon te draaien en zwart voor mijn ogen te zien, ik meen dat ik nog iemand geroepen heb, en het volgende moment dat ik mij herinner lag ik op de grond van de kamer, met mijn hoofd op de knie van wederhelft E. en rond mij overal bloed (pas bevallen, weet u wel). Toen ik weer in mijn bed lag, wilde men het voeteneind wat hoger zetten, maar dat lukte niet goed. Het gaf wel een leuk gevoel, alsof ik op een schip zat: omhoog en omlaag en omhoog en omlaag. Het mechanisme bleek stuk te zijn, dus een nieuw bed. In de kamer was echter geen plaats genoeg om met die bedden te manoeuvreren, dus bed met mij naar buiten, in de gang in een nieuw bed, nieuw bed met mij weer binnen.

Na een verblijf van vijf dagen in het ziekenhuis, met een zoon die wel lang niet zo rustig was als zijn broer, konden we thuis genieten van ons gezinnetje van vijf.
Tot slot nog enkele cijfertjes: zat alleen rechtop aan zes maand (mee in de kinderstoel aan tafel), eerste tand aan zeven maand, trekt zich alleen op in zijn park aan tien maand, stond alleen aan een jaar en liep aan veertien maand (kruipen weet ik niet meer, ik heb blijkbaar zeer weinig opgeschreven over hem).

Posted by: pharailde | april 29, 2008

Eelt

Zondagavond dus naar de voorstelling Eelt van Wouter Deprez geweest en er meer dan 100 % van genoten. Ik had hem daarvoor al een keer aan het werk gezien in Comedy Casino op Canvas en een keer of twee als kandidaat in De Slimste Mens (zonder toen eigenlijk te weten wie hij was), maar hij was mij bijgebleven. In zoverre zelfs dat ik wel nieuwsgierig was om eens een voorstelling te zien. Dochter M. had enkele maanden geleden, samen met een schare vriendinnen, kaarten voor de voorstelling op 27 april besteld, en toen enkele weken later bleek dat er nog een kaart op overschot was, heb ik er dankbaar gebruik van gemaakt. Want dat is wel een van mijn minpunten: ik wil graag overal naartoe en vanalles zien, maar tegen dat het er ooit van komt om kaarten te bestellen, is de zaal uitverkocht of de voorstelling al voorbij.

Maar zondagavond togen wij dus gezellig naar de Capitole (Gent).

Wie denkt met Eelt een gewone stand-upcomedian aan het werk te zien, heeft het mis. We kregen in de plaats een - bijwijlen zelfs zeer ontroerende - theatermonoloog. Wouter Deprez kruipt immers in de huid van zijn vader, een eenvoudige mens van weinig woorden, en vertelt zo diens verhaal. En vader Frans blijkt veel meer woorden in zich te hebben dan uit bv. de telefoongesprekken met zijn zoon afgeleid zou kunnen worden. Vader Frans, geboren uit het werkvolk, vertelt over zijn kinderjaren en zijn jeugd en zijn vrouw en zijn kinderen en vooral over zijn eigen kleine koninkrijkje, zijn werkkot! Frans doet tussendoor ook zijn klapkes met het publiek. ‘t Is te zeggen, met de vaders. Want iedereen moest in de huid van zijn eigen vader kruipen en ook aldus antwoorden. Dus als Frans naar de naam van je kinderen vroeg, moest je jouw naam en die van je broers en zusters geven. Een leuke denkoefening die wel ongelooflijk veel effect had, vond ik.
De voorstelling was vanzelfsprekend doorspekt met de nodige dosis humor (zou anders ook niet geafficheerd staan op het programma van Cabaretten). Zo geeft Frans onverstoorbaar kritiek op al die overbodige en zinloze moderne uitvindingen en op onze halfzachte maatschappij. In zijnen tijd …

Er was aangekondigd dat er geen pauze was, en ik ging ervan uit dat het zo een klein uurtje zou duren en toen het applaus begon, had ik echt het gevoel: “Is het nu al gedaan, hij is nog maar bezig”. Bleek dat we ruim een uur en veertig minuten hadden mogen genieten van zijn meesterschap. Als u dus ooit de kans krijgt om Wouter Deprez aan het werk te zien, neem ze met beide handen en ga kijken (en neen, ik behoor niet tot het promotieteam). Voor Eelt is de kennis van enig West-Vlaams idioom wel een pluspunt.

Nu kijken we uit naar de allerlaatste voorstelling van Loebas van Henk Ryckaert op 10 mei in de Minard. Als je je haast zijn er misschien nog kaarten.

 

Posted by: pharailde | april 27, 2008

Mooi weer

Snel proberen tussendoor nog iets posten, want ik moet eigenlijk koken en straks moet ik weg. Uitgaan met dochter M. en een schare van haar vriendinnen (jaja, een oude doos op schok met jonge blaadjes), naar een optreden van Wouter Deprez, met zijn voorstelling Eelt.

Gisteren voor de allereerste keer dit jaar buiten gegeten, tweemaal zelfs. Dat is altijd een moment van zaligheid. En gistermiddag naar het buurtfeest geweest waar een bloemenmarktje was. En bloemekes voor op het terras gekocht. Vlijtige Liesjes en Verbena en Siertabak en nog wat dingen waarvan ik de naam alweer vergeten ben. En dan nog eens snel naar de Colruyt want de teelaarde was op. Gelukkig is dat hier vlakbij. En dan de bloemekes in de bakken gezet. Dat zijn van die leuke werkjes waar je lang resultaat van ziet (tegenover de gewone huishoudelijke klussen). Het terras ziet er weer wat vrolijker uit. Nu nog wachten tot de bloempjes bloeien.

Vanochtend ook weer buiten kunnen ontbijten. En vanmiddag de diepvriezer uitgekuist. En gewassen. En geschreven. En het weekend is alweer voorbijgevlogen.

Gelukkig is het maar een korte week.

Older Posts »

Categories