Gepost door: pharailde | oktober 18, 2018

Stockholm 2018 (6)

De eerste dag van de achtste maand (inmiddels onze zesde dag) werd een dag van interbellumarchitectuur. We begonnen bij de stadsbibliotheek, ontworpen door Gunnar Asplund en geopend in 1928.
“Het was de apotheose van de moderne bibliotheek met open rekken en plaats voor 200.000 boeken. De architectuur is neoklassiek maar ook grotendeels geïnspireerd op de Romeinse oudheid. Deze stijl wordt meestal omschreven als 1920’s classicisme en is alleen in Zweden te vinden. De bibliotheek van Stockholm is het belangrijkste voorbeeld. (…)
Na het bestijgen van een aantal trappen (zowel op straat als binnen), betreed je de rotonde, een ronde ‘boekenhal’ met een plafondhoogte van 24 m en een diameter van ca. 26 m. Klassieke literatuur en Noordse fictie liggen op de planken, in totaal ca. 40.000 boeken op drie verdiepingen. De witte wanden boven de planken zijn dik stucwerk en geven het gevoel van een bewolkte lucht. Het licht van de hoge ramen verhoogt het hemelse gevoel. De vloer is linoleum en het patroon is geïnspireerd op het Pantheon in Rome. De meubels zijn origineel en gemaakt van leer, zwarte linoleum en mahoniehout. (…)
Vanuit de rotonde kan je naar vijf “subject-rooms”.”
(vrij vertaald van een foldertje dat we daar meekregen, de enige informatie over het gebouw die beschikbaar was).

Het was zeer verleidelijk om er een boek van de plank te nemen (er stonden voldoende Engelstalige boeken) en te verdwijnen in een verhaal, maar het was er mij veel te warm. We waren nog geen vijf minuten binnen, als het zweet mij al afregende. In een van de “subject-rooms” installeerden we ons wel aan een tafel om de kaartjes naar het thuisfront te schrijven.

Om 15 u. waren we paraat voor een rondleiding in het stadhuis. We hadden het op de eerste avond reeds uitgebreid de buitenkant bewonderd, en dus ook nieuwsgierig hoe het er binnenin zou uitzien. Bovendien heeft het toch ook een glamourgehalte aangezien de feestelijkheden na de uitreiking van de Nobelprijzen hier doorgaan. De Blauwe Zaal (waar het banket plaatsvindt), de Gouden Zaal (het decor van het bal), de trap tussen beide, we wilden het wel eens met eigen ogen aanschouwen. Aangezien een particulier bezoek jammer genoeg niet toegestaan is, tekenden we maar in voor een rondleiding. Sprak de gids in Gamla Stan (vorige zaterdag) heel mooi en vloeiend Engels, dan was onze stadhuisgids – van Aziatische afkomst – heel wat moeilijker te verstaan. Maar we kwamen toch te weten dat de Blauwe Zaal … eigenlijk baksteenrood is. Volgens de plannen moest die wel blauw geschilderd worden, maar toen architect Ragnar Östberg de werf bezocht, vond hij het effect en de kleur van de ruwe bakstenen zo mooi, dat hij besliste om het zo te laten. Maar inmiddels was er al veel ruchtbaarheid gegeven aan de plannen en de zalen, waardoor men hardnekkig bleef spreken over de “Blauwe Zaal”. De grote trap in de zaal leidt direct naar de Gouden Zaal, maar onze gids leidde ons via de gaanderij eerst naar de andere delen van het stadhuis, onder meer naar de gemeenteraadzaal waar het dak geïnspireerd was op de oude Vikinggebouwen, om te eindigen in die fameuze Gouden Zaal. En het is er inderdaad goud alom, je hebt bijna je zonnebril nodig. Naar het schijnt werden er zo’n 19 miljoen vergulde mozaïeksteentjes verwerkt.

Na het bezoek aan deze architecturale parels, zochten we de waterkant op. Dat blijft een deel van de aantrekkingskracht van Stockholm, je bent op veel plaatsen vlak bij het water. Gewoon rondwandelen, af en toe op een bank zitten en genieten van de avondzon en de omgeving.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: