Posted by: pharailde | april 13, 2008

Zeventien!

Waarschuwing! Personen die een hekel hebben aan bevallingsverhalen, gelieve nu weg te klikken. Want gisteren, zeventien jaar geleden, ben ik voor de tweede keer moeder geworden.

We beginnen dit verhaal op vrijdag 12 april 1991 en de verwachte spruit (want wij waren van die ‘conservatieve’ ouders die het geslacht niet op voorhand wilden weten, uiteraard liefst wel of alles in orde was, maar we vonden dat een geboorte ook nog een verrassingselement mocht inhouden) was nog maar negen dagen over tijd. Jazeker, u leest het goed, ‘nog maar’ want dochter M. had er 14 dagen over gedaan en ze moest dan nog een handje geholpen worden, maar meer daarover in november. Nog even geduld dus.

Weer naar 12 april. In die periode logeerden we bij mijn ouders omdat we bij ons thuis met kleine veranderingswerken bezig waren en wederhelft E. op dat moment de vloeren in de living aan het afschuren en vernissen was. En de geur van verse vernis vonden we toch niet het meest geschikte parfum voor een zwangere vrouw of een pasgeborene. ’s Namiddags werd ik verwacht bij de gynaecoloog voor een controle en monitoring. Alles was in orde en bij het afscheid wenste mijnheer de arts mij nog een fijn weekend toe, samen met de mededeling dat hij mij tegen zondagavond wel terug zou zien. Dat was nog eens een leuke boodschap, en ik genoot van de wandeling door de stad, op weg naar huis. Het was stralend weer en meer dan 20 graden. Het voelde alsof het zomer en vakantie was.

Wat ik bij thuiskomst precies allemaal gedaan heb, weet ik niet meer. Wellicht wat kletsen met mijn moeder, spelen met mijn dochter, voor het avondeten zorgen, de gewone dingen des levens op een doordeweekse vrijdag. In elk geval was ik nog geen half uur thuis of ik voelde iets trekken in mijn buik. Tiens, wat was dat? Zou het? Het was toch nog geen zondagavond? Een tijdje later nog eens, iets heviger. En zoveel minuten later nog eens. Het zou. Nu was het kwestie om die weeën, die gelukkig nog zeer draaglijk waren, op te vangen zonder dat iemand dat merkte, want ik wou het goede nieuws eerst aan wederhelft E. vertellen. Die zou echter maar tussen zeven en acht thuiskomen. Ondertussen dochter M. in bed gestoken en gekookt voor wederhelft E. En erin geslaagd om de weeën ongemerkt op te vangen.

Later op de avond zijn we dan naar ons eigen huis gegaan, waar ik toch meer op mijn gemak was. Daar wat opgeruimd, nog wat schotels gewassen, wat foto’s gemaakt, spullen voor de kliniek klaargelegd, dit alles regelmatig onderbroken door gepuf. Maar de pijn was nog steeds zeer draaglijk. Na elf uur belde mijn moeder om te horen hoe ik mij voelde. Prima dus, ook al moest ik regelmatig het gesprek onderbreken om een wee weg te werken. Mijn moeder merkte natuurlijk het tijdsverschil tussen de weeën op (tussen drie en vijf minuten) en vond dat het toch tijd werd om naar het ziekenhuis te vertrekken. Braafjes beloofde ik haar dat, maar besloot koppig om toch te wachten tot na middernacht. Ik wou niet dat ze mij een extra dag ziekenhuis aanrekenden (ik weet niet of dat zo geweest zou zijn, maar had toch geen zin om het uit te testen). Het was nog steeds aangenaam warm, een flinterdun katoenen jasje boven mijn mouwloze t-shirt was ruim voldoende.

Tegen half een stonden we aan de receptie van het ziekenhuis. Tussen het puffen door vulde ik alle opnameformulieren zelf in. Ik voelde mij nog steeds prima, en ook de pijn bleef draaglijk. De vroedvrouw kwam ons halen en bracht ons naar de arbeidskamer (wat een woord!). We konden ons installeren en dan zou ze straks eens komen kijken en wat onderzoeken doen. Ik was ondertussen wel benieuwd geworden naar de stand van zaken, maar schatte dat ik nog een paar uren voor de boeg had. Groot was mijn verbazing toen de vroedvrouw zei dat we naar de verloskamer gingen. ”Hoe, nu al?” En ik had nog niet eens afgezien, zeker als ik vergeleek met de eerste keer. Maar jawel, ik had ruim negen centimeter ontsluiting en ze wou het water breken in de verloskamer, want de kans was groot dat de baby onmiddellijk meekwam. Dus hopla, weer verhuizen. Ondertussen kwam iemand de kleertjes voor de baby halen, altijd een emotioneel moment. Het was inmiddels al ruim na enen en wat er toen nog allemaal precies gebeurde, weet ik niet meer (zeventien jaar is al een hele tijd nietwaar, en blogs bestonden nog niet) maar op een gegeven moment kwam ook de dokter toe en toen mocht ik persen en na enkele minuten, op dertien april om twintig voor twee, was hij daar: zoon S.W., 52 cm groot en 4,150 kg zwaar. Een wolk van een baby, al zeg ik het zelf.

 

Ik weet nog goed dat ik vlak na de bevalling zei dat ik er op die manier wel tien wou krijgen (we hebben het wijselijk bij vier gehouden), zo vlot was alles verlopen. Alleen was er in de loop van de nacht nog een klein probleempje: ik bleek nogal veel bloed te verliezen en ergens vaag hoorde ik twee verpleegsters aan mijn bed iets zeggen over geminderd na een kwartier en iets over een bloedtransfusie, maar dat was uiteindelijk niet nodig. De rest van de week kon ik genieten van de rust en van een voorbeeldige zoon die drie á vier uur sliep, wakker werd om te eten, wat rondkeek, een verse pamper kreeg en weer vertrokken was voor enkele uren. En hoe mooi het weer was toen ik in de kliniek toekwam, zo slecht was het toen ik een week later naar huis ging. Ik moest naar wederhelft E. bellen om aub mijn winterjas mee te brengen, want het sneeuwde.

En ook thuis bleef S.W. onze voorbeeldige zoon: uren aan een stuk slapen en alleen wakker worden om te eten. Gedurende een maand. En toen was hij wakker. Definitief. Niet dat hij lastig was, integendeel (ook ’s nachts niet), maar het leven is een feest, en daarvan wil hij niets missen. Daarenboven was hij zeer levendig en beweeglijk, wat ook te merken was in zijn ontwikkeling: aan 2 maanden zat hij - zonder noemenswaardige steun - recht op de arm, aan 5 maand kroop hij achteruit, aan 5,5 maand kon hij zitten en iets later vooruit kruipen, aan 6 maand trok hij zich op in zijn park (en kon ook vrij vlug weer gaan zitten), aan 7 maand de eerste stapjes in het park en aan de hand en aan 9,5 maand kon hij lopen. En hij loopt nog. We hebben meermaals gezegd dat we hem aan Electrabel gingen verhuren voor al de energie die hij produceerde. Nu nog kan hij niet aan tafel blijven zitten. Het natafelen bij hem vertaalt zich in rondjes rond de tafel lopen. Wij hebben onze eigen wandelende jood.

Oh, en zet u schrap, normaal gezien volgt er over veertien dagen nog een bevallingsverhaal.

Reacties

Proficiat aan de jarige !
Onze oudste wordt in november ook 17.

Onze oudste zoon werd onlangs ook zeventien. Dus ik las met graagte je verhaal.

@ An: alvast proficiat aan de jarige. Onze oudste wordt in november al 20. Is toch even slikken.

@Kris: nog late verjaardagswensen voor je zoon

Ha, ik kan ook tegen bevallingsverhalen.
Dit was niet eens gruwelijk!
Fijn voor je dat het allemaal zo vlot verliep.

Altijd leuk om bevallingsverhalen te lezen. Jouw zoon is exact één maand jonger dan mijn oudste dochter dus.

je verhaal doet me terug denken aan de geboorte van mijn kids, de oudste wordt volgende maand 17

[...] bus- en treinritten begonnen zwaar te wegen. Hoewel ik al ervaring had met dochter M. (14 dagen) en zoon S.W. (10 dagen overtijd), hoopte ik toch dat het niet weer zolang ging duren. En ik, silly me, maar [...]

Leave a response

Your response:

Categorieën