Lap, ik heb nog maar net mijn eerste schuchtere pasjes in de blogosfeer gezet, of ik kreeg al een mail over de op til zijnde wijvenweek. Het heeft iets te maken met een winnares van de bwards, waarover smalend gezegd werd dat het weer zo’n wijvenblog was. Het fijne weet ik er niet goed van, maar meer daarover leest u hier en hier. Hoe dan ook, beide dames sloegen de handen in elkaar en riepen alle wijven aller landen op om zich te verenigen om samen dé ultieme wijvenblog te maken. Dus heren, u zal het geweten hebben. In het vervolg iets beter op uw woorden letten.
Er werd ook gevraagd of ik mee wou doen. Natuurlijk dat, op mijn identiteitskaart staat toch dat ik van het vrouwelijk geslacht ben, dus ben ik een wijf. Weliswaar op vele fronten een atypisch exemplaar, maar overduidelijk wel een wijf (benieuwd hoe lang mijn wederhelft zal blijven doorbomen over deze terminologie).
En er zijn themadagen. Het eerste thema, vandaag, is mijn lijf. Hét onderwerp dat ik altijd wegduw. Het onderwerp van mijn grootste frustratie. Het onderwerp waarbij ik zwijgzaam word als vrouwen beginnen over die paar gram vet hier, of die twee kilo te veel daar, en die broek die niet meer past. Het onderwerp waarover uitgerekend ik beter wel zou spreken en vooral actie ondernemen. Het onderwerp waarbij de tranen me in de ogen springen als het over mezelf gaat, ook nu weer. Van onmacht en van moedeloosheid. Want ja, u heeft het al begrepen, ik heb niet het perfecte lijf, integendeel. Ik heb geen maatje 38-40, ik heb vele maten meer. Ik heb geen BMI tussen 20 en 25 maar vele punten meer. Oh ja, ik heb ze gedaan de diëten en ik heb ze geslikt die pillen. Ik ben bij diëtisten en dokters geweest. Maar mijn lijf zegt elke keer njet. Aanvankelijk lukt het wel natuurlijk, een beetje. Na vele maanden zwoegen 5 kg eraf, ja tot zelfs 10 kg. En dan, finito. Het wil niet meer. En dus is het jojo-effect mij niet vreemd. Integendeel. En dus ben ik eigenlijk boos op mijn lijf. Vreselijk boos. En dus heeft de laatste jaren een zekere mate van fatalisme zijn intrede gedaan. Maar er blijft altijd die slingerbeweging tussen schuldgevoel en foert als je iets in je mond steekt. Dat fatalisme, het zou niet mogen, ik weet het. Maar de energie ertoe ontbreekt volledig.
Volgens een van de specialisten waar ik ooit gepasseerd ben, zou de oorzaak ervan bij mijn grenzeloos gebrek aan zelfvertrouwen liggen. Ik heb heel snel het gevoel dat ik niet veel waard ben, dat anderen alles duizend keer beter kunnen, dat ik in een groep aan de kant blijf staan (alsof ik levenslang die woorden van vroeger op de speelplaats blijf horen: “jij mag niet meespelen”) en dan moet ik voortdurend met mijn verstand die emoties bijsturen. En volgens die “-peut” zou mijn lichaam daarop reageren door ervoor te zorgen dat ik dan toch letterlijk zeer “zichtbaar” ben. Tja, voor wat het waard is zeker.
Oh ja, er was één periode dat de kilo’s er af vlogen: tijdens mijn zwangerschappen (behalve bij de eerste). Ik heb toch gezegd dat ik een atypisch wijf ben. Ik presteerde het om na de bevalling meer dan 10 kg. minder te wegen dan voor de zwangerschap (en hiermee bedoel ik niet die kilo’s die je gemiddeld sowieso aankomt hé). Helaas kwamen ze er al snel weer aan, o.m. door de borstvoeding. Indien de gevolgen niet zo drastisch waren, ik zou mijn hele leven zwanger willen zijn.
En zo kennen jullie mijn diepste zieleroerselen. Mijn biecht. Mijn stil verdriet. Want toen ik met dit blog begon, was ik niet van plan om daarover ook maar met één woord te reppen. Het heeft toch wel iets magisch, die wijvenzaken.
Maar laat ons eindigen met enkele positieve noten. Ik hoef mij niet druk te maken om alle mogelijke en onmogelijke onvolkomenheden, want ik voel mij toch al niet moeders mooiste, dus wat maakt het nog uit. Ik heb nog niet veel last van rimpels, niet door dure productjes, maar door mijn eigen natuurlijke ‘botox’ die de huid wat gladder trekt. Ik heb redelijk mooie handen met langwerpige nagels, en mooie ogen, en dat blijft, ongeacht het gewicht. Mijn wederhelft houdt niet van Kate Moss-types en blijft mij desondanks graag zien. En de kinderen, zij hebben al meermaals gezegd dat zij het niet erg vinden dat ik dik ben, integendeel, want dan ben ik zo lekker zacht om te knuffelen.
